Amsterdamse datacenters moeten woningen verwarmen, gratis

Datacenters in Amsterdam moeten in het vervolg alleen nog groene stroom gebruiken. Daarnaast moeten ze de warmte die hun servers opwekken, gratis ter beschikking stellen voor de verwarming van woningen in groot-Amsterdam. Dat staat in het nieuwe Amsterdamse datacenterbeleid dat woensdag wordt gepresenteerd.

Datacenter AM4 op het Science Park.Beeld Eva Plevier

Amsterdam is wereldwijd gewild bij datacenters vanwege de aanwezigheid van internetknooppunt AMS-IX. Dat levert voor gebruikers - bedrijven en internetters - een hoge betrouwbaarheid en snelheid op.

In Amsterdam zijn nu 27 datacenters actief. Ze zijn van groot belang voor de techsector in de hoofdstad. Onder meer de aanwezigheid van bedrijven als Booking, Adyen en in de afgelopen jaren de komst van Oracle of Uber hebben direct te maken met de aanwezigheid van voldoende data-opslagcapaciteit en connectiviteit.

Door onze behoefte aan steeds meer digitaal internetverkeer, clouddiensten als Netflix en opslag van data, groeit de behoefte aan digitale opslagruimte de komende tien jaar met een factor twintig.

Bouwstop

Een jaar geleden legde de hoofdstad echter de bouw van nieuwe datacenters stil, omdat deze volgens het gemeentebestuur te veel ruimte innemen, te veel stroom verbruiken en te weinig aan het milieu denken. Dat was tegen het zere been van de techbranche, die afhankelijk is van de diensten die datacenters bieden.

Die bouwstop wordt nu opgeheven. Maar de deur gaat slechts op een kier. In het vervolg kunnen nieuwe vestigingen alleen nog op bedrijfsterrein Amstel III, Science Park, Schinkelkwartier en het havengebied terecht.

Om overbelasting van het stroomnet te voorkomen, komt er een jaarlijks maximum van het vermogen van gemiddeld 67 megavoltampère (MVA; 67 miljoen watt) per jaar. De kleinste datacentrales verbruiken per stuk al 20 MVA, dat is evenveel stroom per jaar als een woonwijk met 35.000 inwoners verbruikt.

De komst van de grootste datacentrales, die jaarlijks 80 MVA verbruiken (evenveel stroomverbruik als een stad met 140.000 inwoners) blijft mogelijk, maar heeft dan wel gevolgen voor de bouwmogelijkheden in de  jaren daarna. Zulke megacentrales moeten in het vervolg hun elektriciteitsvoorziening bekostigen, iets dat tot nu door Liander werd gedekt.

Restwarmte

Stroom mag bovendien alleen nog uit groene bron komen, iets waar de meeste centrales al lang voor de bouwstop aan voldeden. De warmte die de servers opwekken mag niet meer de buitenlucht in, maar moet worden gebruikt voor de verwarming van huizen. Een aantal centrales was daar al mee bezig, onder meer bij een groot woningproject in Zuidoost.

Ook komen er strenge eisen aan nieuwbouw. Datacenters moeten de hoogte in, om ruimte te besparen. Ze moeten zo worden ontworpen dat hun begane grond andere functies krijgen, zoals voor horeca of kantoorruimte zodat ze beter op bedrijfsterreinen passen. Ook moet het mogelijk worden de gebouwen later eventueel ook voor andere functies te gebruiken.

Vorige maand maakte Haarlemmermeer, een ander hotspot voor datacenters, al beperkingen bekend. Na 2030 is ook daar de ruimte op. In de tussentijd moet een nieuwe plek voor datacenters ontwikkeld worden in Flevoland, ruwweg tussen Almere en Zeewolde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden