PlusArchitectuur

Amsterdam Zuid: een station van de nieuwe generatie, open en toegankelijk

Amsterdam-Zuid is nu nog een kruip-door-sluip-doorstation, maar dat verandert. Het ontwerp voor de nieuwe terminal, in augustus gepresenteerd, is andere koek. Het tweede en derde dakdeel van de nieuwe Brittenpassage zijn onlangs naar binnen geschoven.

Artist’s impression van het station. In de groen­strook rechts komen het vijfde en zesde spoor. Beeld Amsterdam Zuidas
Artist’s impression van het station. In de groen­strook rechts komen het vijfde en zesde spoor.Beeld Amsterdam Zuidas

Het is bijna een filosofische vraag: hoe ziet een station er tegenwoordig uit? Zoals Amsterdam Centraal of Haarlem? Goed beschouwd is zo’n monumentaal gebouw overbodig nu we kaartjes online bestellen, een wachtkamer niet meer hoeven op te zoeken en verder alle reisinformatie op internet vinden. In dat opzicht staat het nieuwe Amsterdam Zuid symbool voor een volgende generatie ov-knooppunten en kan het een gebouw zonder eigenschappen worden genoemd. Teruggebracht tot de kern zijn het twee transparante passages, die gevoelsmatig en functioneel een verbinding leggen tussen noord en zuid. De bestaande Minervapassage wordt verbreed en aangekleed met winkels, de nieuwe Brittenpassage aan de westkant verbindt de smalle Benjamin Brittenstraat met de Stravinskylaan. Onlangs werden drie van de ­zeven dakdelen voor de passage op hun plaats gezet.

Van vier naar zes perrons

Deze overstapmachine is dringend nodig. Het is qua reizigersaantallen na Utrecht en Amsterdam Centraal het drukste station van Nederland, terwijl het oogt als een schlemielige voorstadhalte, waar mantelpak en double-breasted zich misplaatst voelen.

Onlangs presenteerde architectenbureau Team V het ontwerp voor de nieuwe terminal, dat vooral verrast door zijn eenvoud. Een tafel die de perrons overbrugt, meer is het niet. Liefst 120.000 vierkante meter – 24 voetbalvelden – zal het toekomstige station omvatten. De verrassing zit misschien in het dak, de kap die volgens de artist’s impressions is uitgerust met een sedumdak en zonnepanelen als omlijsting. De beplanting krult over de dakrand, want het ­station moet natuurlijk wel energieneutraal zijn en zichzelf met energie kunnen voeden.

In welke condities komt dit station tot stand? Het is immers een heel gepuzzel in dit deel van Amsterdam, waar behalve de trein ook de ­metro, de bus en de Ring A10 hun plek opeisen. Al een kleine tien jaar geleden hebben Rijks­waterstaat, de gemeente Amsterdam, de vervoersregio en de provincie Noord-Holland ­besloten dat alleen het autoverkeer ondergronds gaat in een tunnel tussen Amsterdam-Zuid en Buitenveldert. De trein blijft op het ­talud. Van vier naar zes perrons gaat de voorziening, inclusief de metro. Bij de uitbreiding van het aantal sporen is rekening gehouden met een halte voor de Eurostar, waarvoor een aparte paspoortcontrole nodig is. Hoe die eruit gaat zien, dat heeft Team V nog niet getekend.

Glas, glas en nog eens glas

De bussen concentreren zich op het maaiveld aan de noordkant, de tram krijgt, ook op maaiveldniveau, een plaats aan de zuidkant, tussen Debussylaan en het treintalud in. Station Zuid is een typisch no-nonsensegebouw, als je het al een gebouw kunt noemen. De kap rust op ranke kolommen van tientallen meters, de façade is glas, glas en nog eens glas. Alzijdig, zo heet het officieel, om aan te geven dat het station geen voor- of achterkant kent, dus geen hiërarchie. Een eeuw lang kende Amsterdam Centraal alleen een voorkant die, als je goed kijkt, bedrieglijk dun en smal is, totdat de IJzijde tot ontwikkeling kwam. De nieuwe generatie stations opent zich aan beide kanten, waarmee aan ­beide zijden de stadsdelen worden bediend.

Vergelijkbaar met de IJpassage krijgt Nieuw-Zuid een poortvrij voetgangersgebied, waardoor de niet-reizigers kunnen doorlopen. Dat moet de belasting van de openbare ruimte wegnemen. Voor Team V, met als hoofdarchitect ­Jeroen van Schooten, is dit het eerste stationsgebouw. De architectuur van het bureau kenmerkt zich door een zakelijk karakter: men is wars van dubbelzinnigheden. In dat opzicht is er een parallel te zien met het anderhalf jaar ­geleden geopende complex voor de betawetenschappen van VU aan de De Boelelaan. Sympathiek aan het stationsontwerp is de openheid, waardoor je niet het gevoel hebt door een tunnel onder een viaduct te lopen, zoals nu het geval is. Je hebt zelfs niet het gevoel dat je naar een trein onderweg bent, waardoor het begrip reizen net zo abstract zal zijn als het kopen van een online ticket. Stedenbouwkundig gezien kan de Zuidas wel zo’n toevoeging gebruiken, omdat de meeste torens in zichzelf gekeerd zijn, afgezien van een bemande receptie.

Zinsbegoochelend

Ook commercieel komt het station op tijd, nu ABN en de advocatenmoloch De Brauw Blackstone Westbroek besloten hebben de Zuidas te verlaten. Dit gebied kan wel een oppepper gebruiken. Gelukkig kondigt zich daar, behalve het station, ook Puls aan, een zinsbegoochelende toren met woningen en een bioscoop­complex. De Zuidas kan zomaar een gewone wijk worden in plaats van een enclave.

Op dit moment oogt het station nog als een eenvoudige voorstadhalte. Beeld Hollandse Hoogte / Sabine Joosten
Op dit moment oogt het station nog als een eenvoudige voorstadhalte.Beeld Hollandse Hoogte / Sabine Joosten
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden