Plus

Amsterdam Museum speurt naar spullen van de ‘gewone’ Amsterdammer

Wat hoort thuis in de collectie van het stadsmuseum? Cadeaus van prominenten heeft het Amsterdam Museum genoeg. Nu is het speuren naar spullen van de ‘gewone’ Amsterdammer.

Voor de nieuwe expositie is een kleine selectie gemaakt uit de ruim honderdduizend objecten die het museum bewaart. Beeld Amsterdam Museum/Marjolijn Stappers & Ina Meijer

Van 3 tot 6 november 1954 bracht de Ethiopische keizer Haile Selassie (1892-1975) een ­bezoek aan Amsterdam. Hij legde onder andere een krans bij het Monument op de Dam en ­bezocht de schouwburg. Hij had ook een ­geschenk meegenomen voor de toenmalige burgemeester D’Ailly, een voetstuk met daarop twee slagtanden van een olifant. De keizer kreeg een zilveren model van een koopvaardijschip mee naar huis.

Geschenken die door de jaren heen aan burgemeesters worden gegeven belanden meestal in een kast in het stadhuis, soms in de ambts­woning, maar na verloop van tijd worden ze overgedragen aan het Amsterdam Museum. De slagtanden van Haile Selassie staan nu in het museum als onderdeel van de tentoonstelling Opslaan als.. Hoe verzamel je de stad?. Er is een kleine selectie gemaakt uit de ruim honderdduizend objecten die het museum bewaart.

Al sinds het ontstaan van Amsterdam worden allerlei spullen bewaard die te maken hebben met de stad, de bewoners of belangrijke gebeurtenissen. Een selectie van zevenhonderd objecten uit de collectie ­benadrukt vooral de verhalen die achter de verzamelde voorwerpen schuilgaan.

De tentoonstelling laat zien dat de stad door de eeuwen heen aan verandering onderhevig is ­geweest. Zo is een van de zalen gewijd aan nieuwe gebouwen en stedenbouwkundige ­ingrepen. Er staat een model voor een nooit ­gebouwde kerktoren, een maquette van de ­Molenwijk in Noord en schilderijen van de doorbraak van de Raadhuisstraat. 

Om meer ruimte te geven aan het toegenomen wegverkeer in de stad, werd in 1895 een spectaculaire doorbraak gerealiseerd van de gevelwanden aan de Heren- en Keizersgracht. Zo kon het centrum met de nieuwe westelijke buurten worden verbonden. George Hendrik Breitner schilderde de ­besneeuwde bouwput met werklui.

Kleertjes van weeskinderen

Opslaan als.. is de eerste tentoonstelling die Margriet Schavemaker in het museum heeft ­gemaakt. Schavemaker, die hiervoor bij het ­Stedelijk Museum werkte, ziet het als haar ­missie om de museale cultuur inclusiever te maken. Eerder schrapte ze de term Gouden Eeuw uit het vocabulaire van het Amsterdam Museum, omdat het de donkere kanten van het succes, zoals armoede en slavernij, onvoldoende zou belichten.

In Opslaan als.. komt deze thematiek wel naar voren. Er ligt bijvoorbeeld een stapel kleren van Aart Jacobus van der Tang, die in 1893 als baby te vondeling werd gelegd. Toen hij bij een pleeggezin terechtkwam, bleven zijn kleertjes achter in het weeshuis waar nu het museum is gevestigd. 

Er is vrij veel bekend over deze specifieke ­kleren, maar dat is lang niet altijd het geval. In het collectiecentrum in Noord worden negentigduizend objecten bewaard, waaronder nogal wat kleren van anonieme weeskinderen. 

Nieuw beleid

Daarom wil het Amsterdam Museum vanaf nu met een kritische blik kijken naar wat tot nu toe is verzameld en vooral: wat niet. Het museum ­presenteert de tentoonstelling nadrukkelijk als het beginpunt van een nieuw verzamelbeleid.

Vroeger kwamen veel objecten binnen via ­legaten. Zo liet de rijke verzamelaarster Sophia Lopez Suasso-de Bruijn (1816-1890) bij haar overlijden haar bezit na aan de stad Amsterdam. Het ging om duizenden kledingstukken, schilderijen, antiek, boeken en de hele inboedel van een woonhuis. Dat soort legaten, waarin de kunstwaarde van de objecten centraal stond, komen steeds minder voor.

Tegenwoordig stelt het museum de persoonlijke verhalen van Amsterdammers centraal en omgekeerd moeten de objecten verhalen vertellen over Amsterdammers. En dat zijn nadrukkelijk ook verhalen over armoede, de positie van de vrouw en kolonialisme. Vanaf nu moet het ­allemaal inclusiever en het museum gaat, in ­samenwerking met openbare bibliotheken, de wijken in op zoek naar verhalen en objecten.

Zwarte Piet

Die tendens om in het hier en nu op zoek te gaan naar objecten voor de collectie is al wat langer gaande. In 2004 kocht het Amsterdam Museum op de vrijmarkt in het Vondelpark tijdens Koninginnedag alles van de zesjarige Eva Schoonings. Het complete kleedje met speelgoed, regenlaarzen, tasjes en het klapkrukje waar ze op zat worden nu bewaard in het collectiecentrum van het Amsterdam.

Nu komen daar andere hedendaagse thema’s bij. Op 12 november 2011 werden vier mensen gearresteerd bij de intocht van Sinterklaas. Ze droegen T-shirts met het opschrift ‘Zwarte Piet is racisme’, ontworpen door Quinsy ­Gario.

Een shirt, sjabloon en spuitbussen zijn in de tentoonstelling opgenomen om de maatschappelijke discussie vast te leggen. Het is duidelijk dat het Amsterdam Museum hiermee stelling neemt, maar tegelijk roept de aanpak vragen op. 

De presentatie met Zwarte Piet-objecten laat een aantal oude stripboeken en andere getekende illustraties zien met stereotiepe afbeeldingen van zwarte mensen, maar de pro-zwartepiet kant komt niet aan bod. Bovendien kun je je afvragen wat specifiek Amsterdams is aan de zwartepietendiscussie. Eerdergenoemde arrestaties vonden plaats in Dordrecht, de maatschappelijke discussie ­erover is eerder landelijk dan typisch Amsterdams.

Opslaan als.. Hoe verzamel je de stad?, tot en met 1 maart in het Amsterdam Museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden