Stroomuitval in het atypische netwerk van de binnenstad.

PlusAchtergrond

Achterstallig onderhoud: dit zijn de drie verborgen gebreken van Amsterdam

Stroomuitval in het atypische netwerk van de binnenstad.Beeld Joris Van Gennip

De stad bloeit, maar dit jaar bleek ook dat er veel achterstallig onderhoud is. Hoe kan het dat bruggen, kades, openbaar vervoer en elektriciteitsnetwerk zo slecht zijn?

Hij wordt lang niet altijd serieus genomen als hij op sociale media voor de zoveelste keer foto’s plaatst van een ‘Plas van de dag’. D66-raadslid Jan-Bert Vroege begrijpt dat natuurlijk best, maar de plassen op de fietspaden zijn hem wel degelijk ernst. “Het zegt iets over de staat van onze riolering als zich na een klein buitje al reusachtige plassen vormen op de fietspaden. Fietsen is belangrijk, zorg dan dat de staat van de fietspaden goed is en blijft. Als er plassen blijven staan, heb je iets fout gedaan.”

Als regenwater niet wegloopt, is er iets mis. Als straatlantaarns het niet doen, is er iets mis. Als fietspaden langs kades bezwijken, is er iets mis. Als de stad wordt getroffen door elektriciteitsstoringen, is er iets mis.

Vooropgesteld: Amsterdam ligt er, zo op het oog, comfortabel bij. Vergelijk de stad met dertig, veertig jaar geleden en het doet haast pijn aan de ogen zoals Amsterdam fonkelt. Grachtenpanden worden opgeknapt, openbaar vervoer ziet er piekfijn uit, de troep op straat is aanmerkelijk minder dan voorheen. Maar achter die façade kampt Amsterdam met serieuze problemen. Er is achterstallig onderhoud, er zijn verborgen gebreken.

Verzakkingen

Het meest in het oog springt dat bij de deplorabele staat van de grachten en de kades. Ze verzakken, moeten worden afgesloten voor zwaar verkeer, in sommige gevallen voor ál het verkeer. Het is puur een kwestie van een gebrek aan onderhoud: aan sommige kades en bruggen is al meer dan een eeuw niets gedaan. Wethouder Sharon Dijksma zei halverwege het jaar ter verklaring dat onderhoud ‘niet sexy’ is.

Architect André van Stigt kan er behoorlijk pissig van worden. Hij stond tien jaar geleden al op de voorpagina van Het Parool toen hij sprak over de slechte staat van de bruggen in het centrum. “Er wordt al heel lang gewaarschuwd dat je de stad moet bijhouden, maar men heeft te vaak niet geluisterd.”

Liever buurthuizen

Waarom is dat zo moeilijk? Raadslid Vroege: “Onderhoud ís natuurlijk ook niet sexy, daar kun je je niet mee profileren. Te lang hebben partijen in deze stad liever geld uitgegeven aan buurthuizen dan aan stoeptegels. Dat gaat een paar jaar goed, maar uiteindelijk zal je de boel toch moeten repareren. Want als het stuk is, ben je echt verder van huis. Het is als met je schoenen: als je af en toe naar de hakkenbar gaat, hoef je niet steeds nieuwe te kopen.”

Uit recent onderzoek naar de structurele verwaarlozing van bruggen en kades bleek dat er vanaf de jaren tachtig consequent is bezuinigd op onderhoud, iets wat op veel meer terreinen speelt. Wat ook niet heeft geholpen, is de versnipperde verantwoordelijkheid: elk stadsdeel werd verantwoordelijk voor het eigen onderhoud, maar niet alle stadsdelen hadden de prioriteiten daar liggen. Ambtenaren die hun zorgen daarover naar buiten brachten, kregen te horen dat bestuurders het geld liever wilden uitgeven aan leefbaarheid of sociale zaken.

Structureel onderhoud is nodig op heel veel andere, minder ‘zichtbare’ plekken in de stad. Ook bij de groenvoorziening en de openbare verlichting wordt de structurele verwaarlozing hoe langer hoe meer zichtbaar. Kijk naar de parken in de stad die kampen met serieuze bodem­dalingen, kijk naar achterstallig onderhoud aan wegen, straten en pleinen.

Daar komt bij: onderhoud, of het nu om bruggen en kades, het ov-netwerk of de waterhuishouding gaat, is een zaak van enorm lange adem. Bestuurders hebben de zaken laten liggen omdat het hun tijd wel zou duren. Zoals architect Van Stigt zegt: “Onderhoud staat nu eenmaal niet in verkiezingsprogramma’s. Maar het is als met het meerjarig onderhoudsplan van je woning: als je geen onderhoud pleegt, kost het je uiteindelijk veel meer geld.”

Verborgen Gebrek 1: Kades voor paard en wagen

Op de Middenweg was het raak afgelopen jaar: verkeersregelaars wapperden zwaar verkeer de andere kant op om de Oetewalerbrug te sparen. Ook op de pas opgeleverde brug 108 aan de De Clercqstraat moesten maatregelen worden genomen. Langs de Geldersekade en de Leliegracht. Zelfs ver buiten het centrum blijken bruggen en kades er ineens nog slechter aan toe dan was gevreesd: in Slotermeer moest een noodbrug worden aangelegd omdat de technische staat van brug 627 kennelijk dermate dramatisch was, dat acuut gevaar dreigde.

Als de term achterstallig onderhoud ergens van toepassing is in Amsterdam, dan is het wel bij de bruggen en de kades. De stad telt in totaal 1600 bruggen en 600 kilometer kade. Ooit aangelegd voor paard en wagen, maar tegenwoordig aanmerkelijk zwaarder en intensiever belast. En: veelal ten minste honderd jaar oud en het einde van de levensduur al lang en breed gepasseerd. De enige zekerheid die de stad nu heeft, is dat er sprake is van achterstallig onderhoud. Maar hoe erg de constructies er daadwerkelijk aan toe zijn, is vooralsnog een raadsel: bij elk onderzoek blijkt het weer penibeler te zijn dan was aangenomen.

Dat het fout kan gaan, was ook zichtbaar de afgelopen tijd. Er zijn ‘calamiteiten’ opgetreden bij het Entrepotdok, de Marnixstraat en de Nassaukade: de straat zakte daar simpelweg weg.

Volgens de gemeente is niet uit te sluiten dat constructies in de toekomst bezwijken. ‘Het leidt hoogstwaarschijnlijk tot een slechtere doorstroming met hogere concentraties luchtvervuiling,’ schreef wethouder Laurens Ivens vorige week over verwachte stremmingen en files in de stad door afgesloten wegen.

Bijna een kwart miljard euro is er inmiddels vrijgemaakt voor de aanpak, deskundigen denken dat de rekening kan oplopen tot ver boven de twee miljard.

De kadewand van de Recht Boomssloot wordt opgelapt.Beeld Jakob Van Vliet

Verborgen Gebrek 2: Elektriciteitsnet zit aan zijn max

Als de stroom uitvalt in Amsterdam, gaan mensen vaak de straat op, want in een groeiende en bloeiende stad die altijd ‘aan’ staat, is de relatieve duisternis als gevolg van stroomuitval een avontuur op zich.

Het is precies die groei en bloei die maakt dat het elektriciteitsnet van de stad het nog maar net kan bijbenen. Deze zomer waarschuwde netwerkbedrijf Alliander al voor het stroominfarct waarnaar de stad hard op weg is. Pak de bijgeleverde plattegrond van Amsterdam erbij en je ziet hoe nijpend het is: in vrijwel alle buurten staan de seinen op oranje en rood. In het Westelijk Havengebied, in Noord en Oost: overal wordt het uiterste gevergd van het netwerk. “Op sommige plekken zitten we nu aan de max,” zegt een woordvoerder van Alliander.

Het heeft te maken met de bijna exploderende vraag naar elektriciteit: de stad bouwt woningen en wil daar de komende decennia volop mee doorgaan. Verder zijn er de datacentra die per stuk de stroombehoefte van een flink dorp tot een middelgrote stad opslorpen. En dan moet de overstap naar verwarmen en koken zonder gas nog komen.

Het net is vol, aldus de woordvoerder. Er moet dus worden uitgebreid, maar dat gaat in een dichtbevolkte en -bebouwde stad als Amsterdam niet zomaar. “Dat is een uitdaging, want de straat moet dan open. Het hele vergunningentraject vergt veel tijd en die tijd hebben we niet. En dan is er nog het tekort aan personeel: wij willen wel meer netwerk aanleggen, maar we kunnen de handen bijna niet vinden om dat voor ons te doen.”

En die storingen? “Dat heeft te maken met het atypische netwerk van Amsterdam: verschillende systemen zijn met behulp van verbindingsstukken aan elkaar geknoopt,” zegt een woordvoerder. “En soms heeft dat er inderdaad mee te maken dat het netwerk op sommige plekken aan het einde van zijn levensduur is.”

Verborgen Gebrek 3: Geen luxe in het ov

Volledig nieuwe metrowagons, zoals deze, zijn eerder uitzondering dan regel.Beeld ANP

Zo erg als de metro in de jaren tachtig, toen de Zilvermeeuwen verloederd naar de Bijlmer reden en weer terug, zo is erg is het zeker niet. Stap nu in de metro naar Zuidoost en je waant je in een luchthavenshuttle: licht en fris, zoevend langs de haltes.

Voor een deel is dat ook schone schijn: veel metro’s op leeftijd hebben een facelift ondergaan. Omdat ze met tienduizenden kilometers op de teller een afgeleefde indruk maakten. Dus werden er wagons gestript, kaal­geschuurd tot op het casco. Dan krijgen ze een nieuw jasje: nieuwe stoelen, schone kappen over de lampen, wanden bekleed met antigraffiti­folie. Ze kunnen er weer even tegenaan.

Rikus Spithorst van reizigersbelangenclub Maatschappij voor Beter OV is kritisch. “Veel materieel van het GVB is tot op de draad versleten. De winter komt er weer aan en je zit als reiziger steeds vaker in trams zonder een functionerende verwarming.”

Volgens Spithorst dreigt het GVB te overkomen wat de NS aan het begin van deze eeuw ondervond. “Om de destijds beoogde beursgang gunstiger te laten verlopen, werden er amper onderdelen besteld. Hierdoor vielen in 2001 zoveel treinen uit dat de directie naar huis werd gestuurd. Iets vergelijkbaars ligt nu ook op de loer bij GVB, dat zegt het wel af te kunnen met steeds minder subsidie.”

Het klopt dat het GVB steeds meer haar eigen broek moet ophouden: de subsidie wordt verlaagd van meer dan 100 miljoen euro in 2015 naar minder dan 40 miljoen in 2024.

Het vervoersbedrijf zit qua materieel inderdaad soms krap in het jasje, zegt een woordvoerder. “We hebben alle voertuigen nodig die we hebben. Als er dus eens iets mis is met een tram, dan kan je niet altijd 1, 2, 3 een vervangend voertuig inzetten, die luxe hebben we niet. Nieuw materieel heb je gewoon niet zomaar in je bezit, dat is een organisch proces.”

De woordvoerder wijst op de onstuimige groei die de stad doormaakt, waardoor het alle hens aan dek is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden