Plus

Aan welke eisen moet de nieuwe Sint voldoen?

Sinterklaas bij de Munttoren tijdens de intocht. De Goedheiligman wordt in de hoofdstad alleen vergezeld door schoorsteenpieten. Beeld ANP

Nu Erik van Muiswinkel zich heeft afgemeld, moet het Amsterdamse intochtcomité op zoek naar een nieuwe hulpsinterklaas. Aan welke eisen voldoet een goede goedheiligman?

Sinterklaas moet rolvast zijn. Tijdens de urenlange intocht zijn alle ogen gericht op de man met de mijter. Hij moet al die tijd waardigheid en vriendelijkheid uitstralen en mag geen moment verslappen. 

In Gouda gebeurde het dat de Sint tijdens de ontvangst door de burgemeester van het bordes afdaalde om een kwajongen die knalvuurwerk afstak, een draai om zijn oren te geven. Dat zou opvoedkundig te verdedigen kunnen zijn, voor het aanzien van de goedheiligman was het rampzalig. Een goede Sint slaat geen kinderen, ook geen stoute.

Sinterklaas moet een ervaren ruiter zijn. Tijdens de intocht zit de Sint ruim twee uur op zijn paard. Hij moet uitstralen dat hij volledig op zijn gemak is. Acteur Eduard Verkade beleefde bij de eerste intocht, in 1934, benauwde ogenblikken toen zijn paard, beschikbaar gesteld door vervoersbedrijf Van Gend & Loos, begon te steigeren.

Dick Ernst Claassen, hulpsint van 1989 tot 1998, had volop ervaring als ruiter. In een interview gaf hij de vuistregel: ‘Sinterklaas mag onder géén beding van z’n paard flikkeren.’

Twee uur lang zwaaien

Sinterklaas moet bovendien onvermoeibaar zijn. De intocht mag één groot feest zijn, voor Sinterklaas is het fysiek en emotioneel een loodzware klus. Architect Gerard de Klerk was Sinterklaas in Amsterdam van 1963 tot 1988.

Later vertelde hij hoe hij in de eerste jaren tegen het einde van de intocht zijn rechterarm nauwelijks kon bewegen door alle zwaaien. Jeroen Krabbé (2009-2018) legde er eer in zoveel mogelijk kinderen aan te kijken. Eerst 10 meter naar links kijken, dan 10 meter naar rechts. Elke 50 meter nog een rondje om de gemiste kinderen op te vegen.

In 1931, dus nog voor de eerste officiële intocht in de stad, landde de Sint met een parachute. Beeld Hollandse Hoogte

Sinterklaas moet kinderen begrijpen. Het feest draait om het geluk en plezier van kinderen. Het contact met de doelgroep vraagt om ­bijzondere vaardigheden, zoals de meeste ouders maar al te goed weten. Sinterklaas moet leuk, vriendelijk en verstandig met kinderen omgaan, ook als zij hem overvallen met gekke vragen. 

De Sint moet goed kunnen improviseren en bisschoppelijk blijven. Ook als hij in het ziekenhuis langs de bedden gaat van doodzieke kinderen en van ellende het liefst zijn baard zou opeten, luidt de opdracht: gewoon Sinterklaas zijn.

De mens en de tabberd

Sinterklaas moet apolitiek zijn. Het is een van de mysteries van het feest: wie de tabberd aantrekt en de mantel omslaat, wórdt Sinterklaas. Het voortijdige afzwaaien van cabaretier Erik van Muiswinkel bewijst dat de mens onder de mijter tegenwoordig niet meer is los te koppelen van de rol van goedheiligman. 

Lastig punt voor het intochtcomité: een bekende Nederlander als Sinterklaas verschaft het feest extra glans, maar een uitgesproken profiel maakt kennelijk ook kwetsbaar. Het is helemaal de huidige tijd: de Sint moet deugen, maar hij mag geen deugmensch zijn.

Belangrijk is ook dat Sinterklaas in zichzelf gelooft. Het is misschien wel de allerbelangrijkste eis: er zijn honderden vrijwilligers in touw om van de intocht een groot feest te maken, maar Sinterklaas op zijn paard is het stralende middelpunt, de blikvanger, de kers op de taart. 

Híj moet zijn wat de honderdduizenden kinderen en ouders langs de kant van de weg willen dat hij is: de man die met zijn gevolg en een boot vol pakjes naar Amsterdam is gekomen om ons een paar fijne weken te bezorgen.

Gerard de Klerk zei het mooi in een terugblik op zijn jaren als Sint. ‘Als ik op mijn schimmel zat en al die blije mensen zag, geloofde ik in ­mijzelf.’

Kijk, dán ben je een goede Sint.

In 1967 liet hulpsint Gerard de Klerk zien ervaring te hebben als ruiter. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden