Reportage

30ste herdenking Bijlmerramp laat ook veerkracht Zuidoost zien

Troost, hoop en een beetje woede: de dertigste herdenking van de Bijlmervliegramp toonde fraai de veerkracht en de weerbaarheid van het getroffen stadsdeel Zuidoost.

Patrick Meershoek
Bezoekers van de Bijlmerherdenking.
 Beeld Eva Plevier
Bezoekers van de Bijlmerherdenking.Beeld Eva Plevier

Het is inmiddels dertig jaar geleden dat het vrachtvliegtuig van El Al neerstortte op de flats Groeneveen en Klein-Kruitberg, maar de ramp was dit jaar dichterbij dan hij in jaren was geweest. De massale aandacht op radio en televisie, met de bekroonde dramaserie Rampvlucht voorop, lijkt het stof en het spinrag van het oude dossier te hebben geveegd en te hebben gezorgd voor een hernieuwde kennismaking met de dramatische gebeurtenissen van 4 oktober 1992 en de dagen, maanden en jaren daarna.

Ook de herdenking trok veel meer bezoekers dan in andere jaren. De min of meer vaste groep van 150 herdenkers die zich elk jaar verzamelt bij het monument op de rampplek, had nu gezelschap van honderden belangstellenden. Een deel van het programma was verplaatst naar het CEC-gebouw aan de Bijlmerdreef, waar presentator Gerda Havertong de woorden herhaalde die ze dertig jaar geleden sprak bij de eerste herdenking in de RAI: “Ik wens u een waardige herdenking toe.”

Verdriet, pijn en verbijstering

In 1992 waren het verdriet, de pijn en de verbijstering nog vers, rauw en groot. Dat is natuurlijk veranderd met de jaren. “We zullen ze nooit, nooit vergeten,” sprak voorzitter Helen Burleson namens de organisatie van de herdenking over de 43 slachtoffers.

Maar Burleson riep ook de saamhorigheid en de verbondenheid in herinnering die de ramp naar het getroffen stadsdeel bracht. “De Bijlmer werd nooit meer hetzelfde. Maar de ramp zorgde ook voor aandacht voor het menselijk verhaal. Laten we die gedachte koesteren.”

Saamhorigheid en verbondenheid zijn schitterend, maar een andere erfenis van die 4de oktober 1992 is ook de woede over de steken die de politiek heeft laten vallen in het voorkomen en de afwikkeling van de ramp. Die pijnlijke aspecten komen uitgebreid aan de orde in Rampvlucht. Dominee Otto Ruff, die de nabestaanden al dertig jaar bijstaat, herinnerde aan de woorden van premier Ruud Lubbers in de RAI. “We blijven met jullie verbonden. Die woorden waren een warme deken. Helaas, het werd een koude douche.”

Ook burgemeester Femke Halsema deed een stevige duit in het zakje. Na eerst alle hulpverleners en vrijwilligers te hebben geprezen voor hun inzet tijdens en na de ramp, sprak ze kritisch over nazorg. “Veel mensen in Zuidoost voelden zich in de steek gelaten. Belangrijke vragen werden niet beantwoord, de politiek was met zichzelf bezig. Mensen werden, zoals de parlementaire enquêtecommissie zou concluderen, niet serieus genomen.” Er werden opmerkingen gemaakt die ‘de indruk wekten dat niet alle mensen in ons land er evenveel bijhoren’.

Binnensmonds gevloek

Namens het kabinet was staatssecretaris Vivianne Heijnen van Infrastructuur en Waterstaat naar Amsterdam gekomen. Met haar toespraak wekte ze niet de indruk naar Rampvlucht te hebben gekeken. In andere woorden herhaalde ze de loze boodschap van Lubbers van dertig jaar geleden, dat alle mensen als broeders en zusters naast elkaar staan en elkaar vasthouden en dat die verbondenheid wat het kabinet betreft een onbeperkte houdbaarheid kent. De zaal reageerde, typisch Zuidoost, met beleefd applaus en binnensmonds gevloek.

Het was misschien te veel gevraagd van Heijnen om met de vermiste cockpit-voicerecorder naar de Bijlmer te komen, maar iets van erkenning van het gestuntel in de nasleep van de ramp was op zijn plaats geweest. Journalist Vincent Dekker, schrijver van Going down, going down merkte na afloop van de herdenking op dat de afwikkeling van de vliegramp past in het patroon van affaires als die met de toeslagen en het Groningse gas. “Elke keer weer wordt pijnlijk duidelijk dat de mensen niet op de eerste plaats komen. Die les wordt maar niet geleerd.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden