Amsterdam Bewaar

'Meer doen tegen export vervuilende brandstoffen naar Afrika'

Luchtfoto van de Amsterdamse haven
Luchtfoto van de Amsterdamse haven © ANP

De gemeenteraad wil dat de stad meer doet tegen de export van zwaarvervuilende brandstoffen naar Afrika vanuit de Amsterdamse haven. Een meerderheid van de raad dringt daarop aan, zo bleek woensdag.

De gemeenteraad reageert daarmee op het vorige maand verschenen Dirty Diesel-rapport van de Zwitserse pressiegroep Public Eye.

Daarin staat beschreven dat de havens van Amsterdam, Rotterdam en Antwerpen belangrijke schakels zijn in de doorvoer van benzine en diesel met honderden keren meer zwavel dan aan de pomp in Europa toegestaan is, met als gevolg dat de luchtverontreiniging in Afrikaanse steden extreme vormen aanneemt.
 
Ook wordt aannemelijk gemaakt dat in deze havens speciaal voor de Afrikaanse markt een laagwaardig, goedkoper product wordt geproduceerd, aangelengd met reststoffen. Dat zou onder meer blijken uit brandstofmonsters bij tankopslagbedrijven in Amsterdam, de grootste benzinehaven van de wereld.

Actie 
Een meerderheid van de gemeenteraad wil dat havenwethouder Kajsa Ollongren actie onderneemt naar aanleiding van het rapport. Voor de manier waarop werden verschillende suggesties gedaan.

GroenLinksraadslid Jasper Groen en PvdA-raadslid Carolien de Heer denken aan een scherpe veroordeling van de 'gifdiesel' en een gedragscode voor de bedrijven die in de Amsterdamse haven gevestigd zijn. De stad kan daarop aandringen als enige aandeelhouder van het havenbedrijf.

Convenant 
D66 denkt meer in de richting van een convenant waarin de stad bindende afspraken maakt over de uitbanning van dit soort brandstoffen met de betrokken bedrijven. SP-raadslid Tiers Bakker vindt dat Amsterdam in politiek Den Haag moet aandringen op verscherpte wetgeving. Voor alle drie de mogelijkheden tekent een meerderheid zich af.
 
Wethouder Ollongren noemt het 'een onwenselijke situatie' dat in West-Afrika brandstoffen op de markt worden gebracht die ver achterblijven bij de Nederlandse milieumaatstaven. "Maar de werkelijkheid is weerbarstig." De bedrijven die dit soort brandstoffen verschepen, multinationals als Trafigura en Vitol, spelen in op de wetgeving in die landen en het verouderde wagenpark dat daar rondrijdt.

Minister Ploumen 
Ollongren wil graag samen optrekken met minister van Buitenlandse Handel Lilianne Ploumen. Die heeft een onderzoek ingesteld naar de brandstoffenhandel naar West-Afrika. "Dat kan helpen bij de vraag: wat kunnen we wel doen?"
 
Volgens milieuorganisatie Milieudefensie kan ingrijpen nu al omdat Nederland gebonden is aan internationale verdragen. Afrikaanse landen zijn in het verdrag van Bamako overeengekomen dat te importeren stoffen gelden als gevaarlijk afval zodra ze aan lagere eisen voldoen dan gelden in het exporterende land. Nederland moet daarop handhaven, volgens Milieudefensie, omdat het door het ondertekenen van het Verdrag van Bazel ook aan dat van Bamako gebonden is. Amsterdam zou bij de regering moeten aandringen op maatregelen. 

"Het is te zot voor woorden dat bedrijven dat soort brandstoffen hier mogen produceren en exporteren, terwijl het gebruik van die brandstoffen hier illegaal zou zijn," vindt D66-raadslid Hans Glaubitz.