Opinie Bewaar

'Voor mij is het het minst erg dat papa dood is'

Femke van der Laan
Femke van der Laan © Oof Verschuren

Het is nog donker in de slaapkamer van de jongste. De ochtenden in zijn leven dat hij eraan heeft gedacht zijn gordijnen open te doen, zijn op een hand te tellen. Hoe vaak ik het ook zeg of vraag of opdraag: hij vergeet het telkens weer. Zijn negenjarige hoofd kan perfect onthouden wat ik beloof over bedtijden en snoep, maar voor gordijnen heeft het geen ruimte over.

Ik loop naar het raam. Als ik zijn gordijnen opendoe, schuift er een fotolijstje mee over de vensterbank. Meestal staat de foto keurig in het gelid tussen een vetplant en een KLM-huisje, maar nu is hij uit de rij gehaald. Ik kijk naar de afbeelding. Een zoon en een vader. De jongste en zijn papa. Gemaakt bij de keukentafel. De jongste tegen hem aan geleund, een arm om een schouder geslagen.

Het is geen mooie foto; hij is wat rommelig en zelfs niet helemaal scherp. Ik heb zeker vijftig foto's van dit tweetal die beter zijn, maar toch kwam deze in het lijstje terecht. De jongste kijk naar beneden, naar de tafel, een grote lach op zijn gezicht. Zijn vader kijkt naar hem van opzij. Ook hij lacht, maar er is nog meer te zien in zijn blik. Ik ben zo blij met jou, zeggen zijn ogen. Zo blij.

Ik til het fotolijstje op en kijk naar de blije ogen. Gisteren kwam de jongste naast me staan. Ik sneed kers­tomaatjes doormidden. "Volgens mij is het voor mij het minst erg dat papa dood is."

Ik kende hem het kortst, dus mis ik hem het minst

Kinderen zeggen nooit dat ze met je willen praten. Nooit ga maar even zitten, ik wil graag iets kwijt. Alles wordt zo over het aanrecht gegooid, waar je het dan tussen de halve tomaatjes vandaan moet peuteren.

"Ik kende hem het kortst, dus mis ik hem het minst."

"Werkt dat zo, denk je?"

Hij knikte. Als je iemand langer kent, zijn er meer herinneringen en is er dus ook meer om te missen. Hij kende papa nog maar negen jaar. Daar had hij maar geluk mee, dat ie er zo goed vanaf was gekomen.

Met mijn duim en middelvinger schoot ik een tomaatje zijn kant op. Te hard. Het rolde van de plank af op weg naar de gootsteen. De jongste had het net op tijd te pakken.

"Maar we hielden toch allemaal evenveel van hem? Telt dat dan niet?" Het tomaatje liet zijn wang opbollen. Hij schudde zijn hoofd: nee, dat telde niet.

Ik zet het fotolijstje terug op de vensterbank en schuif het naar achteren, tussen vetplant en KLM-huisje, ondertussen hopend dat als ik morgen het gordijn opentrek de foto weer van zijn plaats is. Iemand met de minste herinneringen kan niet vaak genoeg blije ogen zien.

Femke van der Laan (39) schrijft wekelijks over haar leven in de stad na de dood van haar echtgenoot Eberhard, de burgemeester van Amsterdam die op 5 oktober 2017 overleed.