Binnenland Bewaar

Nederlandse kinderen gaan het vaakst naar de opvang

Nederland is koploper in Europa.
Nederland is koploper in Europa. © ANP

Van alle kinderen uit de Europese Unie gaan de Nederlandse het vaakst naar de kinderopvang. Driekwart van de kinderen van drie jaar of jonger ging in 2014 wel eens naar de opvang.

Nederlandse ouders maken het vaakst gebruik van kinderdagverblijven, peuterspeelzalen of andere vormen van kinderopvang. Gastouderopvang is niet in deze cijfers meergenomen.

In de hele Europese Unie werd in totaal de helft van alle kinderen tot drie jaar opgevangen, maar er zijn grote verschillen tussen de landen binnen het gebied.

Grote verschillen
Zo worden kinderen in West-Europa vaker opgevangen dan in Oost-Europa. Slechts 27 procent van de Bulgaarse kinderen gaat naar een form van formele opvang, ten opzichte van 77 procent in Nederland.

Landen waar veel gebruik gemaakt wordt van kinderopvang zijn doorgaans ook landen waar vaker parttime wordt gewerkt. Dat geldt zeker ook voor Nederland. Hier wordt de opvang bovendien vaker gecombineerd met een dagje opvang bij opa en oma. In andere landen gaan weliswaar minder kinderen naar de opvang, ze moeten daar wel vaak langer blijven.

Afname
Nederland is dan wel koploper, maar steeds minder kinderen gaan hier naar de formele kinderopvang: de afname bedraagt 72 duizend kinderen in de periode tussen 2012 en 2014. In meer dan de helft van de Nederlandse gemeenten nam het aandeel kinderen in de opvang met meer dan 5 procent af tussen 2012 en 2014, in Amsterdam gaat het zelfs om 13,5 procent.

Daarbij speelt het dalende aantal kinderen in Nederland een rol. Ook was er door de economische crisis minder vraag naar kinderopvang. Bovendien vonden de grootste aanpassingen - lees: versoberingen - in de kinderopvangsubsidies plaats in 2012 en 2013.