*

parool.nl
Amsterdam,  
Parool.nl mobiel Word vriend van Het Parool op Facebook

Amsterdams Lijflied: Stadsbewoners leven als oude wolven

12-10-11   11:00 uur
Rini Dobbelaar (links) en Jan Eilander van Trio Bier. 'We zijn geen vriendengroepje, het is familie.' Foto © Dingena Mol

 In Rotterdam vragen ze of we het nummer niet willen zingen, daar zouden problemen van komen  
Uitslag Amsterdams lijflied

1 Oude wolf 15 %
2 Aan de Amsterdamse grachten 12 %
3 Amsterdam (Brel) 9 %
4 't Is stil in Amsterdam 8 %
5 Geef mij maar Amsterdam 8 %
6 Amsterdam huilt 8 %
7 Deze stad (De Dijk) 5 %
8 Hé Amsterdam 5 %
9 Zondagmiddag Buitenveldert 4 %
10 Aan de voet van de oude Wester 4 %
11 Als op het Leidseplein de lichtjes weer eens branden gaan 3 %
12 D'r is een Amsterdammer dood gegaan 3 %
13 Ik verveel me zo 3 %
14 Oh Amsterdam wat ben je mooi 3 %
15 Mooi Amsterdam 2 %
16 Die ouwe sopraan uit de Jordaan 2 %
17 Sally's roomijslied 2 %
18 Daar is de orgelman 1 %
19 't IJ 1 %
20 Tulpen aus Amsterdam 1 %

In totaal zijn rond de 3300 stemmen uitgebracht. Dat het totaal op 99 procent uitkomt, is het gevolg van afrondingsverschillen.

Verrassend: Oude wolf van Trio Bier is gekozen tot Amsterdams lijflied. Een gesprek met componist Rini Dobbelaar en zanger Jan Eilander. Nummer 2 is Aan de Amsterdamse grachten. Henk Visscher was de eerste die het lied opnam.

Het gala van het Amsterdamse Lied in Carré is uitverkocht.

Onderaan dit artikel het Amsterdams Lijflied en de andere finalisten.

Waarom is de stad een oude wolf en geen hamster of eend? Rini Dobbelaar (1959): 'Een wolf leeft solitair of in een roedel, het kan alle twee. Dat geldt ook voor de mensen in de stad: samen met anderen is prima, maar alleen kunnen we het ook wel af.'

'Dat geldt ook voor mijzelf. Ik ben graag in gezelschap, maar als ik weer eens een tijdje naar Politiek 24 kijk en ik erger me, heb ik nog wel eens behoefte om in mijn eentje een wandeling te maken. Naar de Amstelveenseweg of naar de Korsjespoortsteeg waar Multatuli woonde, het maakt niet uit. Dan zie ik de mensen en de gebouwen met geschiedenis, dat lucht op.'

Dobbelaar, behalve componist ook accordeonist, gitarist en zanger van Trio Bier, is inmiddels professioneel muzikant. 'Althans, ik heb geen ander werk.' Na school werkte hij acht jaar bij een bank en in de Huidenstraat begon hij het antiquariaat Zonder trommels en trompetten, waar zijn gebrek aan zakelijk inzicht al snel aan het licht kwam. 'Hoe ik het zes jaar heb uitgehouden is een raadsel.'

Daarna besloot hij muziek te maken en geld te verdienen 'met stom werk via een uitzendbureau'. Inmiddels gaat het hem prima en nu, met deze titel op zak, beter dan ooit.

Dobbelaar speelde in het Engelstalige bandje The Postmen en ontmoette in 1995 Jan Eilander, die in Nederlandstalige groepjes zat. Ze besloten met bassist Roelf ter Veld samen te gaan als Trio Bier. Er sloten meer muzikanten aan en sindsdien heeft het trio altijd meer dan drie leden gehad. De naam? Eilander: 'Die kwam op toen we op straat in Antwerpen speelden. We vonden: eerst werken, dan bier.'

Voor Jan Eilander (1959) is het een mooi najaar. Naast deze overwinning kreeg hij ook voluit aandacht voor zijn jeugdboek Cruijffie dat vorige week werd gepresenteerd. De band is maar één van zijn activiteiten. Hij is betrokken bij documentaires, was journalist en hij schrijft boeken: verhalen vol trivia geplukt uit zijn gevarieerde bestaan - What's on a man's mind?' - en jeugdboeken (Rafael, Raffie) waarbij voetbal een nogal dominante rol speelt.

De band brengt hem geluk. 'Onze saxofonist, Koos Prins, werd eens gevraagd of we een vriendenclubje waren. Nee, zei hij, het is familie.

En zo denk ik er ook over.'

Trio Bier maakte het eerste album, Verspilde tranen, bij een 'malafide' producent in Friesland. Recensent Jip Golsteijn noemde het één van de beste Nederlandstalige cd's van zijn tijd. De producent ging failliet, Dobbelaar haalde nog net op tijd met een busje de voorraad cd's op. Die verkochten ze allemaal bij optredens. Zo verdienden ze meer dan als dat maatschappijtje het wel had gered.

Ze kwamen terecht bij Warner Music, die in 1998 hun cd Dans met mij uitbracht. Daarop stond ook Oude wolf, een nummer geschreven voor een wedstrijd van de lokale zender Amsterdam FM. Twee jaar later maakten ze weer een cd, Bakkum aan Zee. Maar toen heette de groep plotseling Oud West. Eilander: 'De maatschappij vond Trio Bier minder gelukkig. Carnavalesk, zoals de Twee Pinten en de Drie Viltjes. Ze wilden ons brengen als vergelijkbaar met De Dijk. Dat was niet onredelijk. We hielden ons repertoire, maar moesten wel helemaal opnieuw beginnen.'

Het werd geen groot succes. Met afschuw denken ze terug aan de Rotterdamse Schouwburg, de Uitmarkt - hebben ze daar ook - in 2001. 'Voor we begonnen was er een volle zaal voor een ballet. Zag er goed uit. Het gordijn ging dicht, wij kwamen op, gordijn weer open. Eén grote leegte. Rechts voor zag ik mijn zwager zitten, links achter zaten vijf trouwe fans uit IJsselstein.'

'Die avond hebben we veel jenever gedronken en besloten we ermee te stoppen. Dobbelaar: 'Ik was er kapot van.' Eilander: 'Ik kwam huilend thuis.'

Ze speelden in andere bandjes; Eilander nam zangles. Het verlangen nar Trio Bier bleef. In 2007 kwamen ze weer bijeen en dat jaar speelden ze in het voorprogramma van De Dijk in De Meerpaal in Dronten. Twee jaar later brachten ze in eigen beheer de cd De droom voorbij uit - opgenomen in de slaapkamer van Dobbelaar.

Het heilig moeten is eraf. Commercieel tenminste. Maar de muziek, de liedjes moeten meer dan ooit. Want de hartstocht blijft, net als de melancholie waar het repertoire van vijftig eigen nummers van getuigt. Dit jaar hebben ze tien tot vijftien keer opgetreden. Dat mag best meer worden, maar de frustraties willen ze ontlopen.

Dat de oude wolf nu zo triomfantelijk huilt is prachtig, en ze zijn hun fans dankbaar. Natuurlijk was er een lobby, maar meer dan een oproep op hun eigen site en op die van voetbalclub WV-HEDW hebben ze daar zelf niet aan bijgedragen. De groep is populair in de amateur-voetbalwereld, zo bleek maar weer. En wie van ze houdt, houdt een heleboel van ze. Bij optredens is het niet anders. Dobbelaar: 'Staan we in Weesp, komt er een busje vol mensen uit Limburg.'

De zalen mogen nog niet groot zijn, het publiek kent de nummers uit het hoofd. Hun Bakkum aan Zee is nog wel eens op Westerveld te horen. als er een Bakkummer begraven wordt. Ze krijgen het er niet hoog van in de bol, het ontroert ze.

Met Rotterdam wil het nog steeds niet vlotten. Eilander: 'Treden we er op, vragen ze of we Oude wolf niet willen zingen, daar zouden problemen van kunnen komen. Kinderachtig. Vroeger openden we ons optreden ermee, nu sluiten we steevast af met dat lied.' (Paul Arnoldussen)

Op 14 november kan in Carré worden meegezongen op het Grand Gala van het Amsterdamse Lied met onder anderen Maarten van Roozendaal, Kees Prins, Sofie en Cato van Dijck, Bob Fosko, Lucretia van der Vloot, Mieke Stemerdink, Huub van der Lubbe, Daniël Boissevain, Marcel Groot, Anneke van Giersbergen en Giovanca.

Het gala van het Amsterdamse Lied in Carré is uitverkocht.

Luister op RTVNH naar het interview met Paul Arnoldussen over het Amsterdams Lijflied.

Het boek plus cd Amsterdams lijflied verschijnt 14 november.



Alles over

GESPONSORDE LINKS

PAROOL NIEUWSBRIEF

Elke middag gratis de hoogtepunten uit het nieuws in uw mailbox?

U kunt zich voor deze service van Het Parool opgeven via parool.nl/lunchnieuws.