Magnieters en Gossiedwepers
20-01-12 14:00 uur
column
THEODOR HOLMANErgerlijke types.
1. De Magnieter. Nog steeds op 1. Er mag steeds minder van de Magnieters. Ze voelen zichzelf moreel verheven boven de rest, die ze constant terechtwijzen. Ook herkenbaar aan: 'Dit gaat echt te ver.'
2. De Jamaaren. Rukken enorm op. Behoorlijk ergerlijk. Je ziet ze steeds meer op tv. 'U heeft tegengestemd, terwijl u onlangs in de krant nog hebt gezegd: ik stem voor.' 'Ja, maar de situatie is nu zo veranderd.' Altijd weer: ja, maar....
3. De Alsdatmaggers. Dat zijn de zogenaamde slimmeriken, en daardoor strontvervelend. Jongetjes voetballen op straat. 'Als dat mag, moet je niet verbaasd zijn als er straks ingebroken wordt.' 'Als dat mag, komt straks onze minister-president met een vrouw van zestien thuis.' 'Als dat mag, kan ik net zo goed mijn dochter meteen in een hoerenkast stoppen.'
4. De Arro-neezeggers. Mensen die zogenaamd geïnteresseerd naar je luisteren, maar ze beginnen hun eigen zin altijd met 'nee', alsof je iets doms hebt gezegd, en herhalen dan wat jij hebt gezegd. Ze eigenen zich zo jouw idee toe. 'Het zou goed zijn om eens wat meer initiatief te tonen.' 'Nee, het zou beter zijn als er eens wat meer initiatief getoond werd.' 'Dat zeg ik!' 'Nee, men moet... meer initiatief, dat zeg ik.'
5. De Waarommoetdatnouzozakken. Zoeken vaak toevlucht bij Magnieters. Beginnen elke zin met: 'Waarom moet dat nou zo?' 'Omdat ze lelijk is.' 'Waarom moet dat nou zo?' Verkopen slap gedrag als bruggenbouwerij.
6. De Pfff- ontluchters. Vaak bankzitters. Laten winden uit hun mond. 'Zullen we naar de film?' 'Pfff...' 'Wat neuken dan?' 'Pfff...' 'Niks doen?' 'Pfff...'
7. De Tjavluchters. Dat zijn de intellectuele Pfff-zeggers, want door in 'tja' te vluchten en verder niets, suggereren ze diepte. 'Wat een goede wedstrijd.' 'Tja.'
8. De O, nou'ers. Immer verongelijkt. 'Ga je mee naar de film.' 'O, nou.' 'Wil je niet?' 'O, nou.' Tegenzin als levenshouding. 'Ik heb iets aardigs voor je gedaan!'
'O, nou.'
9. De Gossiedwepers. Vinden het leuk om alleen maar te praten in kinderboekentaal uit 1880. 'Gossie, wat leuk.' 'Gut, wat aardig.' 'Jemie, wat schattig.' 'Oeps, wat zeg ik nou weer.' Komt steeds meer voor bij mannen.