Theodor-Passion
15-03-10 10:44 uur
THEODOR HOLMAN
Nu het tegen Pasen loopt,
kan ik u al enkele koren en koralen onthullen van de Theodor-Passion.
1.
O hoofd vol bloed en wonden
dat deed mij broeder Jan.
Verleidde mij tot zonde,
hij bleek een wilde man.
Van voren en van achter
deed hij wat ik niet wou.
Ik vroehoeg nog: kan het zachter
want het doet erg van au.
Ik werd toen vastgebonden.
Men hing mij aan een kruis.
Toen likten christenhonden
maar weer mijn achterhuis.
Ik ging daarover klagen,
maar kreeg toen geen gehoor.
Ik zihit nu met wat vragen
O, broeder Theodor...
2
Ach arme ik, ach arme ik
ihik stihik, ihik stihik ihik stihik
of maak ik mij te dihihik?
Ach arme ik, ach arme ik
stoffer en blihik, stoffer en blihik
voor zo'n viezerik.
3.
(Slotkoor)
Wij zitten nu in tranen neer.
Want broeder Jan ligt in zijn graf.
Rustig zeikerd, zeikerd rustig
God geve hem een goede straf.
En mocht je dat niet kunnen geloven
Blijf dan van de godsdienst af.
Dan kan ik je wel beloven
God is zelf behoorlijk laf.
Hij kon er toch wel iets aan doen?
Hij zag het, en verdomde het.
God heeft kortom dus geen fatsoen.
En daarom is ons recht aan zet.