Stadhuis
03-02-10 11:27 uur
column
THEODOR HOLMAN
Ik geloof dat ik Carolien Gehrels, wethouder Bedrijven, nog nooit één zin heb horen uitspreken die ik begreep. Gisteren liet ze weer een missive uitgaan waarvan je denkt: weet ze eigenlijk wel waarmee ze bezig is?
'Geen geld voor gammel stadhuis' luidde de kop in onze krant op de voorpagina. Ik citeer: 'Het stadhuis is bouwtechnisch verouderd, de begane grond staat voor een groot deel leeg.'
Nog geen wartaal, zou je zeggen, maar even verderop staat: 'Een ander probleem is dat er te weinig plek is voor alle ambtenaren.'
Dus eerst 'staat de begane grond voor een groot deel leeg', en een paar regels verder is er 'te weinig plek voor alle ambtenaren.'
Dus wat concludeert Gehrels dan: ''Het gebruik van twee locaties is erg duur en inefficiënt.'' (Als u denk dat ik lieg, moet u de krant van gisteren er nog even bijhalen; het stond op de voorpagina.)
Zeg Carolien, is het dan een heel stom idee om al die ambtenaren die nu ergens anders zitten, op de begane grond aan het werk te zetten? Die staat namelijk voor een groot deel leeg.
Maar dit is nog niet alles. Eerst krijgen we te horen dat er geen geld is voor renovatie. Er staat zelfs: 'Een grootscheepse renovatie is nodig. Maar die wordt op de lange baan geschoven omdat er geen geld voor is.' (Ik zou zeggen: geen geld? De NZ-lijn kon ook zomaar een miljardje duurder worden.)
Maar dan staat er weer: 'Er komt voorlopig alleen een bescheiden verbouwing van het stadhuis, die ruim 3,5 miljoen euro zal kosten.'
Pardon? En er was geen geld! Nou ja.
Dan staat er: 'Er komen 'flexplekken', zodat alle ambtenaren van stadsdeel Centrum daar kunnen werken.' Flexplekken - geen idee wat het is, maar ze kosten 3,5 miljoen. En dan kunnen alle ambtenaren op dezelfde flexplek werken. Of juist niet. Want waarin zijn die ambtenaren dan flexibel? In werktijden? In plek? Het is een nietszeggend modebegrip.
'Flutplekken' zou beter zijn, maar daar heeft de gemeente geen 3,5 miljoen voor over. Voor flexplekken wel, terwijl dat hetzelfde is. Maar weet Carolien veel.
Wie zei er ook weer dat onze wethouders 'amateurs' waren?