Excuus
19-08-09 11:20 uur
THEODOR HOLMAN
U bent, lezers, natuurlijk ook erg nieuwsgierig hoe die brief eruit gaat zien. Die excuusbrief, bedoel ik, die ik binnenkort ga krijgen van de voorstanders van Tariq Ramadan.
Vermoedelijk gaat hij zo:
'Zeer geachte heer Holman. O, wat schamen wij ons. O, o, o, wat schamen wij ons diep... U had helemaal gelijk, wat betreft Tariq Ramadan. De man deugt niet, praat met dubbele tong, is hypocriet en schijnheilig ¿ en u heeft dit altijd al gezegd, maar wij waren hier domweg doof en blind voor.'
'Dat komt, mijnheer Holman, omdat wij ongelooflijk politiek correct zijn. Wij menen altijd het morele gelijk aan onze kant te hebben, en toen wij dan ook zo'n half 'verlichte' geest tegenkwamen, dachten wij: laten we hem een mooie gesubsideerde aanstelling geven. Dat hebben we gedaan. En, mijnheer Holman, we hebben vervolgens u, en mensen als u, voor alles uitgemaakt wat slecht was.'
'Ik excuseer me zeer voor onze onnozelheid, mijnheer Holman. Maar ja, die Ramadan had de steun van allemaal intellectuelen van de Erasmus Universiteit. Hoewel u ons toen al had gewaarschuwd, zagen wij niet in hoe de redeneerkunst van mijnheer Ramadan werkte: iets positiefs beweren, dan het woord 'maar' en vervolgens wat hij eerst zei weer ontkrachten.'
' ''Ik ben heel erg voor homoseksualiteit in de westerse wereld zoals hij nu is, maar in de Koran staat dat het niet mag, en dan moet je mensen die in de Koran geloven het niet kwalijk nemen dat ze het moeilijk vinden met homo's om te gaan. Vrouwensteniging kan natuurlijk niet, maar laten we nu wel in dialoog gaan, dat is beter dan alleen maar beweren: we zijn tegen het stenigen van vrouwen. En natuurlijk vind ik het regime in Iran verderfelijk, maar ik merk juist door het werk dat ik daar doe, dat de maatschappij daar zich aan het openstellen is...'' Altijd, altijd gaat het zo. O, wat hebben we ons vergist, mijnheer Holman.'
'U zult ons wel heel erg dom vinden. En dat zijn we ook! Wij lopen domweg achter elke trend aan, dus ook achter Ramadan. Nogmaals excuus mijnheer Holman, dat we u niet direct geloofd hebben. Nou ja, we zijn politici.'