Kunst & Media Bewaar

Amsterdamse provo-fotograaf Cor Jaring overleden

Cor Jaring (1936-2013) tijdens een veiling in 1987
Cor Jaring (1936-2013) tijdens een veiling in 1987 © ANP

Hij had er zo'n verdriet van dat hij niet meer kon fotograferen, zei de gisteravond op 76-jarige leeftijd overleden fotograaf Cor Jaring begin deze maand in Het Parool.

Geboren op Wittenburg, Oostelijke Eilanden, tussen de havenwerkers, was hij voorbestemd voor een leven in de haven, maar het liep heel anders, al was het maar omdat hij al 'zeeziek werd op de pont naar Noord'.

Jaring werd de fotograaf van het leven in de haven, en werd in de jaren zestig de chroniqueur van de Provobeweging, dankzij zijn vriendschap met Robert Jasper Grootveld.

Provo-fotograaf
Hij maakte foto's van het rookbommenprotest tegen het huwelijk van Beatrix en Claus, die over de hele wereld werden gepubliceerd, stond aan het bed van John Lennon en Yoko Ono in het Hilton, rende achter krakers aan en reisde over de hele wereld - overal waar hij kwam verteerd door heimwee naar die 'rotstad' waar hij vandaan kwam.

Vorige maand werd zijn negatievenarchief overgedragen aan het Stadsarchief. Dat zal werken aan de digitalisering van het werk van een van de bekendste Amsterdams fotografen, die graag vertelde dat hij alleen met zwemdiploma A op zak toch maar mooi de wereld had veroverd.

De laatste jaren kreeg hij steeds meer last van zijn longen en toen hij twee jaar geleden een nare val maakte, was het afgelopen met zijn mobiliteit - een harde dobber voor een man die jarenlang midden in de actie had gestaan.

Atelier
Zijn atelier in de Dapperbuurt was bijna een halve eeuw een trekpleister voor fotografen van alle generaties en kunstenaars als Jan Wolkers en Karel Appel. Zijn ontmoeting met 'antirookmagiër' Grootveld was een keerpunt in zijn leven als fotograaf. 'Kijken kan iedereen, zei hij, maar zie je het ook? Dan pas maak je foto's. Dat ben ik nooit meer vergeten.' Uiteindelijk was hij tevreden met de verhuizing van zijn archief: 'Ik lig daar tussen de allergrootsten, tussen Olie en Breitner. Daar ben ik zeer gelukkig mee.'

Hij was altijd thuis in 'zijn' werelden, die hij met grote intimiteit en humor vastlegde. 'Kind aan huis hè,' zei hij over zijn werk in de havens, op de Wallen of de Dapperbuurt. 'Zag je mij, dan zag je mijn camera.'