Buurt wil Piggelmeewoningen niet kwijt
29-12-09 11:46 uur
AMSTERDAM - Van de Piggelmeewoningen in Bos en Lommer wordt een deel monument en de rest gaat plat. En dus is er protest van bewoners.
De Piggelmeewoningen in Bosleeuw-Midden worden gesloopt. De Piggelmeewoningen in de Kolenkitbuurt - zelfde huisjes, zelfde architect - krijgen waarschijnlijk wel een monumentenstatus. Volgens Bos en Lommer worden de gesloopte woninkjes in dezelfde stijl opgebouwd, alleen groter en geschikt voor grote gezinnen. Piggelmeewoningen onderscheiden zich door laagbouw en een hofjeskarakter. Jarenlang hebben bewonersgroepen zich verzet tegen de sloop. De woningen vallen onder het vernieuwingsplan Bosleeuw, het gebied tussen A10, Admiraal de Ruijterweg, Wiltzanghlaan en Leeuwendalersweg.
Deze zomer kreeg Bos en Lommer 75.000 euro Vogelaargeld om te onderzoeken hoe de Piggelmeewoningen in de Kolenkitbuurt juist gered kunnen worden. Het gaat hier om dezelfde piepkleine (34 m2) vroegere bejaardenwoninkjes uit 1951, maar dan aan de andere kant van de A10. Een rare situatie, vindt buurtbewoner en architectuurkenner Harry Gosen: ''De helft van de Piggelmeewoningen krijgt erkenning vanwege hun cultuurhistorische waarde. De andere helft mag blijkbaar tegen de vlakte.''
Dat er iets met de huisjes moet gebeuren, daar is iedereen het over eens. Ze zijn nooit behoorlijk gerenoveerd en dus vochtig en gehorig. Een aantal wordt al jaren tijdelijk verhuurd in afwachting van sloop. ''Het is zonde als ze weggaan,'' benadrukt Gosen. ''Ze passen in een Hollandse traditie. Iedereen herkent dit soort huisjes onmiddellijk.''
Bureau Monumenten en Archeologie bracht in 2006 een rapport uit over Bosleeuw, waarin ook architectuurhistoricus Vincent van Rossem adviseerde de huisjes te behouden: 'De bejaardenwoningen waren meer dan een grappig woningtype, de Piggelmeewoning was een stedenbouwkundig middel om in de wijk bijzondere plekken te creëren. Het is een bijna dorpse enclave in een grootstedelijke omgeving.'
Een ruime meerderheid van de huurders gaf onlangs te kennen dolgraag in de huizen te willen blijven wonen. Gosen: ''Er is een gebrek aan starterswoningen in een groene omgeving. Jammer dat samentrekking nooit is onderzocht.'' (MAAIKE LANGE)