Belle en de bonen
23-02-10 21:10 uur
De pakjesman van de Post die we tegenwoordig TNT moeten noemen - unheimische afkorting - hij kon het niet geloven. Het is een vrolijke man. De Sinterklaas van alle seizoenen bracht een niet zo grote doos, maar aan de zware kant. Pakman komt vaak en soms vragen we ons samen af wat er nu toch weer in de doos zal zitten. Gremmen was de afzender. Ik wist het op slag. Dan zitten er appels in, zei ik. Appels? De man van TNT keek me stomverbaasd aan. Welke idioot, zag je dattie dacht, doet appels op de post? De postzegel kost meer dan tien kilo appels op de woensdagmarkt.
Maar daar zijn ze niet te koop, dat is het hem nou net. De appels komen uit Horssen in het Land van Maas en Waal. Horssen heeft net even meer dan 1500 inwoners, en maar liefst vijf kerkkoren. En een fruitteler, Matthieu Gremmen.
In deze rubriek werden nieuwe appelrassen met gejuich begroet, het lijkt of veredelaars en telers alsmaar lekkerder appels weten te verzinnen. Wie even flauw wil vallen van genoegen moet in een groentespeciaalzaak een hap nemen van de knalrode Wellant. Hij is in het najaar geplukt, doorgerijpt een koelhuis en nu op zijn best.
Een email uit Horssen: 'Nieuws van Nederlandse bodem: de Maribelle.
Deze appel is door de laatste particuliere veredelaar van Nederland gekruist. Ir P de Sonnaville heeft deze kruising gemaakt. Een geheel nieuwe kruising van Nederlandse bodem. Het is een knapperige appel met een frisse en goede smaak. Het uitstalleven is bijzonder: deze appel wordt niet vettig( je hoeft er geen waas af te halen) en blijft zijn knapperige kwaliteit houden op de fruitschaal bij de consument. Voordeel voor de teller; de Mirabelle is weinig of niet gevoelig voor veel ziektes.'
Klinkt goed, maar waar koop ik hem? Nergens nog. Bijna nergens. Ook de Maribella is opgeslagen en mondjesmaat komen er kistjes uit de koelcel die allemaal meteen naar groenteman Van der Werdt in Boxtel gaan, voorlopig het enige adres waar de nieuwe appel te koop is. Boxtel is voor menigeen in Nederland te ver fietsen. Nou heb ik wel eens een gerookte haring uit Frankrijk over de post toegestuurd gekregen, waarom dan geen appels?
Gremmen stuurde er een paar op opdat ik ze op deze plek kan bespreken zoals de kunstredacteur een balletvoorstelling recenseert. Welnu: weer een geweldige appel. Ietsje zuurder dan zoet en aangenaam lawaaiig in de mond. Onthouden, de naam voor als er de jaren meer van komen: Mirabelle.
Maar nu even terug naar de bonen. Er kwamen er ook met de post. Ik had me afgevraagd of er buiten Zeeuws Vlaanderen (bruine boon) en de provincie Noord Holland waar mensen nog vechten op de markt om een maaltje bonen van geweldige, maar bijna vergeten rassen, of andere provincies ook eigen bonen hebben. Ik heb het geweten. Tientallen reacties kreeg ik. De meeste uit het noorden. Friesland heeft een eigen boon die men daar liever geheim houdt, zo lekker als hij is, het Waldbeantje uit de Friese Wouden. Een gele boon met iets groenigs. In Groningen heb je ze ook, maar die halen het niet bij de Friese, volgens de Friezen. De post bracht me een maaltje. Heerlijk. Maar er moet meer zijn. Vroeger at iedereen toch bonen? Het internet zegt dat Limburg kookt met witte bonen. Maar Brabant heeft of had een eigen bonenras: Brabantse rattenkeutels. Kunnen die tegen de Friezen op, weet u, groenteman in Boxtel dat misschien? Prachtidee: we zouden elkaar bonen kunnen gaan sturen. (WOUTER KLOOTWIJK)