*

parool.nl
Amsterdam,  
parool.nl op je mobiel Word vriend van Het Parool op Facebook

Molenmes met meidenhandvatje

16-02-10   14:09 uur
Het meest verkochte Molenmes, populair in Nederland en België, heeft naar mijn smaak een te kort houten handvat, meer geschikt voor kleine meiden. Het handvat is maar acht centimeter lang. Foto GPD

Wie iets te koop heeft wil dat graag op deze plek in de krant laten weten. Het liefst dat hier door de onafhankelijke journalist laaiend enthousiast wordt geschreven en de verkoopcijfers omhoog schieten.

Jaloezie heb je ook. 'U schrijft erg positief over de roomklopper van de concurrent, ik zou het op prijs stellen als u ook een redactioneel stukje wilt wijden aan de mijne.'

Opmerkelijk veel reacties uit handelskringen kwamen er op een stukje over een keramische slijpstaaf. Klassiek is het aanzetstaal dat mensen leerden kennen die nog niet meteen aan de beurt waren in de ouderwetse slagerswinkel, waar nog wordt uitgebeend waar je bij staat. Ik ben graag nog lang niet aan de beurt, niet in de viswinkel, niet bij de slager, niet bij de groenteboer. Om de voorstelling achter de toonbank. De slager grijpt om de haverklap naar zijn aanzetstaal en haalt zijn mes er langs. Het slijpt er zijn messen niet mee, maar zet de snede recht. Er zijn nu aanzetstalen, bekleed met een laagje diamantpoeder. Die slijpen wel en heel goed. Maar ze slijten snel. Iets minder hard dan diamant zijn slijpstaven van keramisch materiaal. Ze gaan lang mee. Zo een, uit twee soorten gebakken zand, de Duo Phase slijpstaaf uit Duitsland, met een fijne korrel om een mes te slijpen en een nog fijnere om het te polijsten, werd hier eerder gesignaleerd. Goed keukengereedschap.

Van alle kanten kwamen e-mails. Er zijn meer keramische slijpstaven, zeggen importeurs en ze moeten allemaal in de krant. Lezer met een computer en verbinding met de wijde wereld van het internet, tik in: keramische slijpstaaf, en u vindt een keur aan aanbod. 
Andere vraag, andere koopwaar, maar het heeft met het slijpen te maken. 'U roemde het Molenmes, maar er zijn meer goede messen.' Vooral importeurs van stinkdure Japanse messen zouden graag hun handel genoemd zien en geprezen. Lezers zelf reageren heel anders. Tientallen verhalen vertellen ze, over het legendarische Molenmes. Ze kennen het al uit de keuken van grootmoeder, hebben het inmiddels geërfd en het blijft maar scherp. Er zijn lezers die dringend om verkoopadressen vragen. Het Molenmes is een doodgewoon aardappelschilmesje dat kan roesten. Het wordt gemaakt in Solingen en heet in Duitsland Windmuelenmesser.

Wat een goed mes is kan een keukenspullenrecensent eigenlijk pas goed bepalen na jaren gebruik, net als schoenen. Als je er niet bij nadenkt kom je er pas echt achter. Je stelt vast welk mes of welke messen je automatisch pakt als je iets gaat snijden. Bij mij zijn dat niet de gevierde Japanners, ik heb er een paar, en niet de grote keukenmessen met een Duitse of Franse merknaam er op. Nee het vaakst blijk ik te grijpen maar mijn roestbakjes. Een paar Windmolens en een paar andere Duitsers. Voor het slachten van een haas en voor het schoonmaken van haring, maar ook uien snijd ik er mee en prei en karton. En, heren jaloerse concurrenten van het Molenmes; ik heb kritiek.

Van alle vlijmscherpe roestige mesjes die ik dagelijks gebruik heb ik het liefst die met het langste handvat. Het meest verkochte Molenmes, populair in Nederland en België, heeft naar mijn smaak een te kort houten handvat, meer geschikt voor kleine meiden. Het handvat is maar acht centimeter lang. Het handvat van mijn haringkaakmesje is veertien centimeter lang en dat ligt heerlijk in de hand. We zouden er de messenmaker in Solingen om kunnen vragen. Per e-mail naar info@windmuehlenmesser.de. Dringend vragen: een meidenmesje met een handvat voor mannen. Moet kunnen. En ze verstaan Nederlands. (WOUTER KLOOTWIJK)


Alles over

GESPONSORDE LINKS

PAROOL LUNCHNIEUWS

Elke middag gratis de hoogtepunten uit het nieuws in uw mailbox?

U kunt zich voor deze service van Het Parool opgeven via parool.nl/lunchnieuws.
acap enabled   © Het Parool