Wouter klootwijk: Streekproducten zijn ook maar relatief
27-10-10 09:30 uur
column
Een Duitse stuntkruidenier hield een Franse week. Met Franse koekjes en Frans snoep. Maar ook kant-en-klare stoverij in glazen potten. Boeuf Bourguignon. Gestoofd rundvlees - eigenlijk ossenvlees, van een gecastreerde stier - op Bourgondische wijze. Vraag niet wat die wijze dan is want duizend antwoorden uit Frankrijk en van daarbuiten zullen je deel zijn.
Het is als met bouillabaisse, een soep met vis en schelpdieren; er bestaat geen origineel, authentiek recept, het is soep van wat je toevallig in huis hebt en haalt.
Maar de Duitse stuntkruidenier maakt er echt een potje van. De kleine lettertjes op het etiket van de boeuf Bourguignon geven toe dat in de stoverij maar 20 procent rundvlees zit. Van de andere ingrediënten werden geen percentages genoemd, behalve bij de spekblokjes. Die zijn volgens het etiket voor 87 procent afkomstig van varken. Mij best, maar een boeuf is geen cochon.
En is het wel een typisch Frans gerecht? Het enige wat er mogelijk Frans aan is, is de wijn. Het rundvlees wordt in wijn gemarineerd voor het in de stoofpot gaat. Dat maakt het meteen typisch niet lekker. Misschien proef je het niet als je eerst een slok wijn neemt, maar nuchter bekeken smaakt in wijn gemarineerd vlees (pardon chauvinisten in Frankrijk) naar maagzuur dat men wellicht kent van een onprettige gewaarwording: het eten wil weer door de ingang naar buiten.
Belgen koken met bier. Ieren ook, met Guinness. Wij weten beter en van de Nederlanders weten Limburgers het 't best. Stoofvlees kan heel goed marineren in wat water met kruiden en een scheut azijn. Het zuur sloopt het bindweefsel van de taaiste delen van een rund en maakt het vlees zachter. Stuntkruidenier, doe mij een Limburgse week, ik zal voor de hele winter uw potten Limburgs zoervleisj in huis halen, als het echte is.
Echt. Daar moet het hier weer over gaan. Echte boeuf Bourguignon bestaat niet en het enige echte Limburgse zuurvlees is ook moeilijk aan te wijzen. Het is ook niet van belang. Totdat het handel wordt en het een streekproduct moet heten. Er is geen wet die zegt wat een streekproduct is, maar aan mijn klompen voel ik dat het iets moet zijn dat ergens wordt gemaakt, maar dat niet alleen, het moet nergens anders gemaakt worden. Daar zit al flink de klad in maar het wordt erger.
Delicatessenwinkeliers en speciaalzakendrijvers hebben een vakblad. Lekkernijver heet het. In het jongste nummer staat een merkwaardig artikel onder de kop: 'Nep-streekproducten verpesten alles'. Er wordt geklaagd dat veel producten worden gekopieerd en dat er eendere producten op de markt zijn met verschillende etiketten. 'Veluwse kruidenbitter is exact dezelfde als Achterhoekse en Zeeuwse.' 'Het zijn vooral supermarkten die een vals streekassortiment verkopen en zo de markt kapot maken', zeggen speciaalkruideniers.
Maar wat doen ze zelf? Ze hollen zelf het begrip uit door kaas die overal eender is tot streekproduct te verheffen. En ze zeggen onomwonden dat ze telkens nieuwe streekproducten verzinnen. Een van hen noemt als voorbeeld een product van abrikozen en honing. Aardrijkskunde: noem de streek in Nederland waar honing en abrikozen vandaan komen.
Sterk staaltje streekmarketing is de echte Varsseveldse kaas van 't Kaaswinkeltje in Varsseveld. Het is kaas uit een van de fabrieken van Europa's grootste zuivelconcern Friesland-Campina. Hoezo streekproduct? Doodsimpel, zegt 't Kaaswinkeliertje: het is een grote kaasfabriek maar hij staat toevallig wel in ons dorp. Dan is de Franse boeuf Bourguignon ook een streekproduct. Want gestoofd in Someren, Brabant. (WOUTER KLOOTWIJK)