Opinie Bewaar

Klootzakjes, ik wou dat jullie wisten dat zij mijn moeder is

Roos Schlikker
Roos Schlikker © Floris Lok

Wie van jullie klootzakjes lachte het hardst toen ze het verloor van haar emoties en zich krijsend en huilend naar binnen wrikte?

Geachte klootzakjes, wat was dat lachen hè, vrijdagavond. Was het eigenlijk een vooropgezet plan? Of kwam het op als poepen, als een dierlijke impuls, de opwelling van een beest dat de zwakte van een soortgenoot ruikt?

Hadden jullie haar al van ver zien aankomen terwijl jullie aan het hangen waren? Die oudere dame. Onberispelijk gekleed in lichte kleuren omdat ze vindt dat ze daarin wat gezonder oogt. Het maakt haar etherisch, doorschijnend, opvallend in haar kwetsbaarheid. Misschien is dat wat jullie in het oog sprong. Want jullie keken naar elkaar en loerden daarna gezamenlijk op deze prooi.

Ze had de hond nog even uitgelaten, haar handen koud van de herfstmist. Ze wilde snel haar bed in. Maar daar zaten jullie in haar portiek, een kluwen dreigend vlees. Ze zette een zelfverzekerde stem op: 'Ik wil mijn huis in.' Hadden jullie toch een trillertje gehoord? 'Dat mag niet,' kaatste de brutaalste terug. Gelach, gegrijns, elleboogstoten.

Ze bleef bedremmeld staan. 'Toe, laat me naar binnen.' Jullie schudden jullie hoofden. 'Nee, dat gaat niet gebeuren.' Achteraf gezien had ze meteen de politie moeten bellen, maar ze wilde zich niet laten kennen. Ze moest dit zelf oplossen. En terwijl ze almaar dacht: 'Blijf kalm', probeerde ze haar tengere schouders door de jongensmeute te duwen.

Wie riep de eerste verwensing? Wie gaf de eerste duw? Wie smeet zijn hete koffie naar haar, gevolgd door bekertjes van anderen? Wie van jullie klootzakjes lachte het hardst toen ze het verloor van haar emoties en zich krijsend en huilend naar binnen wrikte? Wie van jullie bleef daarna eindeloos scheldwoorden schreeuwen, zo grof dat ze ze nog steeds niet durft te herhalen? Wie ging maar door met troep tegen haar deur gooien, waarachter ze ineengedoken als een trillend muisje heeft zitten luisteren tot de storm eindelijk ging liggen?

De storm in haar is nog lang niet tot stilstand gekomen. Natuurlijk konden jullie dat niet weten. Jullie hebben er geen flauw benul van dat ze niet alleen ouder is en fysiek breekbaar, maar dat ook haar hersenen niet zo rekbaar en flexibel zijn als die van anderen. Dat ze het leven van alledag al lastig vindt, dat iedere verstoring kan betekenen dat ze langzaam in haar eigen moeras zakt. Dat haar bipolariteit ervoor zorgt dat ze altijd net iets wankeler is dan de rest.

Jullie konden niet weten dat zij mijn moeder is.
Maar ik zou willen dat jullie het wisten.
En dat mijn woorden 's nachts net zo lang door jullie hoofd zouden dreunen als die van jullie bij haar nog altijd doen.


Wil je reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.