Tussentijds vonnis biedt DSB kans
15-10-09 15:18 uur
DSB-medewerkers applaudisseren woensdagavond voor DSB-topman Dirk Scheringa na afloop van de zitting in de rechtbank in Amsterdam. Foto ANP
update
De pers wacht donderdag bij de rechtbank in Amsterdam. Foto ANP
AMSTERDAM - De Amsterdamse rechtbank kwam donderdag met een tussentijds vonnis over DSB. Een overzicht van de belangrijkste feiten die in het vonnis staan.
De Amsterdamse rechtbank heeft DSB nog tot vrijdag 12.00 uur de tijd gegeven om te laten weten of een overname van heel DSB nog ''een reële en op zeer korte termijn te verwezenlijken'' optie is. Ook de bewindvoerders en De Nederlandsche Bank (DNB) zullen op dat moment hun oordeel daarover moeten geven. Als een overname niet tot de mogelijkheden behoort, zal de rechtbank het faillissement uitspreken. Als DSB laat weten nog wel kansen te zien, wordt het verzoek om de noodregeling om te zetten in een faillissement vrijdag vanaf 14.00 uur voortgezet. Dat is een besloten zitting waar zeer waarschijnlijk wel leden van de OR bij mogen zijn.
De bewindvoerders hebben de rechtbank laten weten dat er in eerste instantie geen gegadigden waren om DSB over te nemen. Dinsdagavond heeft een partij zich gemeld, woensdagmiddag om 12.16 uur liet die partij weten ervan af te zien.
Volgens de bewindvoerders heeft DSB een negatief eigen vermogen, uitgaande van de liquidatiewaarde. DSB heeft dit niet betwist. Een negatief eigen vermogen is een van de vereisten om een faillissement uit te kunnen spreken. Omdat een overname niet kan worden uitgesloten is niet voldaan aan de tweede voorwaarde om een faillissement uit te kunnen spreken.
De bewindvoerders meenden dat een overname geen kans van slagen meer had omdat de Nederlandse grootbanken DSB niet wilden overnemen en niet te verwachten valt dat ze hierop terug komen. Bovendien hebben zich behalve de ene genoemde partij geen andere belangstellenden gemeld.
DSB had zich de samenwerking met de bewindvoerders anders voorgesteld. Er is nauwelijks contact geweest tussen DSB en de bewindvoerders, stelt DSB. DSB meent dat de grootbanken van een overname hebben afgezien omdat ze de risico's niet goed konden inschatten. Volgens DSB zijn die beperkt tot ongeveer 85 miljoen euro en DSB wil de banken daarvan overtuigen. De banken lopen ook aanzienlijke schade op als DSB failliet gaat, stelt DSB. Zij draaien immers op voor de uitkeringen uit het depositogarantiestelsel. DNB betoogt juist dat de schade veel groter zal zijn dan die 85 miljoen euro omdat mensen aanspraak zouden kunnen maken op compensatieregelingen.
De rechtbank biedt DSB de kans om zelf met de banken te overleggen. De tijd die de rechtbank DSB gunt, is beperkt omdat de rekeninghouders en andere schuldeisers er belang bij hebben dat het faillissement wordt uitgesproken zodra duidelijk is dat het voortbestaan van DSB als geheel niet mogelijk is. (ANP)