*

parool.nl
Amsterdam,  
parool.nl op je mobiel Word vriend van Het Parool op Facebook

Toestel Air France vloog ver buiten radarbereik

03-06-09   16:19 uur
Moderne vliegtuigen zijn uitgerust met een digitale datalink tussen vliegtuig en luchtverkeersleiding, waarmee een grove plaatsbepaling kan worden uitgevoerd. Foto EPA/Gary I Rothstein
BRUSSEL - Toen Vlucht 447 van Air France boven de Atlantische Oceaan verdween vloog het toestel honderden kilometers buiten bereik van de dichtstbijzijnde radarstations. Dat is een normale situatie voor transatlantische langeafstandsvluchten en daarom gelden er speciale regels voor dit onderdeel van de vlucht, dat meerdere uren kan duren.

Bij vluchten boven land moet er, om botsingen in de lucht te voorkomen, een afstand van acht tot zestien kilometer tussen vliegtuigen worden bewaard. Voor langeafstandsvluchten over de oceaan geldt een minimumafstand van twintig minuten, oftewel 148 kilometer.

Er worden ook verschillende navigatietechnieken gebruikt. Vluchten boven land volgen luchtcorridors die door radiobakens zijn aangegeven. Boven water bestaan zulke corridors niet. In plaats daarvan stellen luchtverkeersleiders elke dag opnieuw twee vluchtroutes vast -een in westelijke en een in oostelijke richting- op basis van de weerberichten en andere informatie.

Een deel van de Atlantische Oceaan wordt wel door radar bestreken. Stations die daarvoor zorgen bevinden zich in vooruitgeschoven posten - in IJsland, de Azoren, Ierland en het uiterste oosten van Canada. Het grootste deel van de Oceaan ligt echter te ver van land af om dat mogelijk te maken.

Radiocontact
Piloten blijven wel gedurende de gehele vlucht in radiocontact staan met de luchtverkeersleiding, maar met de gewone VHF-radio lukt dat niet door de ronding van de aarde. Piloten moeten daarom gebruik maken van de veel storingsgevoeliger HF-radiocommunicatie. Moderne vliegtuigen zijn daarnaast uitgerust met een digitale datalink tussen vliegtuig en luchtverkeersleiding, waarmee toch een grove plaatsbepaling kan worden uitgevoerd.

Het toestel van Air France stuurde vlak voor het neerstortte zo'n automatisch bericht uit, waarin stroomuitval en wegvallen van de luchtdruk in de cabine werden gemeld. Het was de enige aanwijzing omtrent het lot van het vliegtuig en zijn 228 inzittenden, totdat dinsdag 640 kilometer ten noordoosten van het Braziliaanse eiland Fernando de Noronha wrakstukken van de Airbus A330 werden gesignaleerd.

Een woordvoerder van Air France sprak het vermoeden uit dat het vliegtuig na het binnenvliegen van een gebied met hevige turbulentie door de bliksem is getroffen en dat zich vervolgens een reeks gebeurtenissen heeft voorgedaan die tot de crash leidde. Op het moment dat de luchtverkeersleiders het contact met het vliegtuig verloren, vloog dat net een front van zware onweersbuien en hevige turbulentie binnen dat zich langs de evenaar uitstrekte.

Weerradar
Moderne vliegtuigen als de A330 zijn uitgerust met een weerradar die gevaarlijke situaties op een kleurenkaart aangeeft in rood en geel. Als piloten gevaar verwachten vliegen zij meestal links of rechts om een onweersfront heen, wat uren vertraging kan opleveren. Over een onweersfront heen vliegen is meestal geen optie, omdat het onweer tot achttien kilometer hoogte kan reiken.

Sommige analisten vermoeden dat de piloot heeft geprobeerd terug te vliegen naar Fernando de Noronha, dat 355 van de Braziliaanse noordoostkust ligt. Het vliegveld van het eiland, tijdens de Tweede Wereldoorlog aangelegd door het Amerikaanse leger, heeft een landingsbaan van meer dan achttienhonderd meter, lang genoeg om een Airbus A330 veilig aan de grond te zetten.

Als het mogelijk is de zwarte dozen van het verongelukte toestel te bergen, zullen die wellicht antwoord kunnen geven op de vraag wat er precies is gebeurd. Berging zal niet eenvoudig zijn, want de oceaan is ter plaatse kilometers diep en door de snelheid van het vliegtuig zijn de wrakstukken waarschijnlijk over een groot gebied verspreid geraakt.

Hoe dan ook zullen de onderzoekers alvast een begin maken met een 'forensische analyse' op basis van de informatie die wel beschikbaar is, zei Jim Hall, voormalig hoofd van de Amerikaanse luchtveiligheidsdienst. Ze zullen kijken naar de rapporten van de onderhoudsbeurten die het toestel heeft ondergaan, gesprekken voeren met bemanningsleden die de laatste weken met het vliegtuig hebben gevlogen en de monteurs die het onderhoud hebben verricht vragen of zij nog bijzonderheden te melden hebben, zei hij. Ook zal de persoonlijke achtergrond van de bemanningsleden worden bestudeerd en worden nagegaan wat zij in de 36 uur voor de crash hebben gedaan. (AP)


gerelateerde artikelen

Alles over

Volg Het Parool op Twitter
shop

GESPONSORDE LINKS

PAROOL LUNCHNIEUWS

Elke middag gratis de hoogtepunten uit het nieuws in uw mailbox?

U kunt zich voor deze service van Het Parool opgeven via parool.nl/lunchnieuws.
acap enabled   © Het Parool