*

parool.nl
Amsterdam,  
parool.nl op je mobiel Word vriend van Het Parool op Facebook

Gele kaart voor bloeiende creatieve sector

28-05-09   15:29 uur
Vierduizend banen erbij in een tijd van malaise, waarin alleen massaontslagen lijken te vallen. Miljoenen euro's van investeerders voor nieuwe bedrijfjes, die amper een half jaar actief zijn. De creatieve industrie is de vaandeldrager geworden van de Nederlandse economie in crisistijd.

Dat is precies de rol die Den Haag de sector in 2003 toebedeelde, toen onder ambtenaren en politici de creatieve hype volop woedde na een bezoek van bedenker Richard Florida aan Nederland.

Maar in plaats van een pluim heeft de bedrijfstak net een gele kaart gekregen. Als een heuse scheidsrechter oordeelt een door premier Jan Peter Balkenende ingestelde commissie dat in de creatieve industrie 'de samenhang tekortschiet door een gebrek aan versnipperde doelen en ambities, de afbakening onduidelijk is, de subsectoren te groot in getal zijn, de onderlinge samenwerking ontbreekt, evenals een programmalijn'. En als uitsmijter: 'Het momentum van 2004 is al grotendeels verloren gegaan.' Samengevat: niets mee te beginnen, met die creatieven.

Gelukkig heeft de commissie, die onder leiding staat van Ad Scheepbouwer (KPN, Havenbedrijf Rotterdam, trits adviesorganen en nummer vijftien op de lijst van machtige Nederlanders), een oplossing: creatieven, kijk eens naar de chemiesector. Die heeft een heuse Regiegroep Chemie, twintig kopstukken uit bedrijfsleven, opleidingen en laboratoria, die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor 'het opstellen en bewaken van een agenda met duidelijke mijlpalen en heldere doelstellingen' voor de chemie.

De chemie is daarmee hard op weg 'een parel van de economie' te worden. Ook de voedingsindustrie, de bloemensector en de sociale verzekeringsbranche doen het naar behoren. Alleen die creatieven niet. ''Ook zij kunnen best een bureau beginnen waar gezamenlijke activiteiten worden ontplooid,'' vindt Scheepbouwer.

De creatieve industrie is echter een verzamelnaam voor beroepsgroepen die soms heel veel, maar vaker helemaal niets met elkaar te maken hebben: kunstenaars, designers, spelletjesmakers, modeontwerpers, journalisten - en dat is nog maar een greep. Heel soms middelgrote ondernemingen, vrijwel altijd éénpitters of kunstzinnige niet-ondernemers.

Op de jaarlijkse Creative Company Conference, dinsdag in het Muziekgebouw aan 't IJ, leidde de gele kaart onder de aanwezige creatieven tot de saamhorigheid die door Scheepbouwer zo vurig wordt nagestreefd - zij het niet op een manier die hij had bedoeld.

Voor de creatieven zelf is Scheepbouwers conclusie nauwelijks een verrassing. Sterker, een sector die alleen op papier bestaat, kán zich volgens velen niet organiseren. Hooguit de onderdelen waaruit die sector zou bestaan.

En dat doen ze ook. Zo hebben modeontwerpers brancheorganisatie Modint, journalisten vakvereniging NVJ, architecten de BNA. Allemaal instanties die al jaren hun beroepsgroep vertegenwoordigen. Alleen werken ze niet samen. En dat is wat Scheepbouwer cs met hun gele kaart willen bereiken.

''Een gele kaart? Niemand heeft ooit een stadion voor ons gebouwd. Ik wist niet eens dat we in de gaten werden gehouden.'' James Veenhoff wil graag eens voorgesteld worden aan Scheepbouwer. ''We organiseren al een jaar of zes de Amsterdam Fashion Week, maar Scheepbouwer hebben we nog nooit ontmoet.''

Van het advies moet hij dan ook weinig hebben. ''Het is alsof je vanaf de aarde zegt: Mars is een veelbelovende planeet, maar een beetje ongestructureerd, en dan na een jaar concludeert dat men zich er desondanks niet heeft georganiseerd. Om Mars dan een gele kaart te geven.'' Met andere woorden: de creatieve industrie heeft er zelf helemaal niet om gevraagd om onder de sterrenkijker van Balkenendes en Scheepbouwers te worden gelegd.

''Wat hebben wij, afkomstig uit de modewereld, gemeen met balletdansers of figuurzagers? De creatieve industrie bestaat vooral uit kleine bedrijven, individuele mensen. Die kun je niet organiseren zoals je de metaalindustrie organiseert.''

'De aard van de bedrijfstak staat een gezamenlijk optreden in de weg,'' aldus Gerbrand Bas, die onder meer aan de wieg stond van brancheorganisatie BNO en platform Designlink voor industrieel ontwerpers. ''Een creatieve geest laat zich niet dwingen, formuleert elke vraag opnieuw, zoekt de grenzen van het mogelijke en erkent autoriteit met tegenzin en alleen als het niet anders kan.''

Wat nu wordt geprobeerd, is de creatieve industrie in een stramien proppen dat beleidsmakers kennen: een web van belangenorganisaties, lobbyisten, subsidievergaarders. Opdat met creatieven op eenzelfde manier kan worden gesproken als met chemiebedrijven of de metaalsector. Maar hoort bij een nieuwe loot aan de economie niet ook een nieuw economisch model, waarbij een dergelijke inburgering helemaal niet noodzakelijk is?

Als de creatieven niet snel bijdraaien, geeft Scheepbouwer hen medio volgend jaar, bij de volgende beoordeling, de rode kaart. Veenhoff: ''Betekent dat dan dat we niet meer meespelen in de Nederlandse economie?'' (HERMAN STIL)


gerelateerde artikelen

Alles over

Volg Het Parool op Twitter
shop

GESPONSORDE LINKS

PAROOL LUNCHNIEUWS

Elke middag gratis de hoogtepunten uit het nieuws in uw mailbox?

U kunt zich voor deze service van Het Parool opgeven via parool.nl/lunchnieuws.
acap enabled   © Het Parool