Rampenplan pandemie nodig
29-04-09 10:33 uur
AMSTERDAM - Ondernemers moeten zich met de varkensgriep in aantocht ernstig afvragen of het nodig is dat alle werknemers tijdens een epidemie naar hun werk moeten komen.
Het besluit werknemers vanuit huis te laten doorwerken om de kans op besmetting klein te houden, kan een belangrijk onderdeel zijn van een overlevingsstrategie. "Een rampenplan kan beslissend zijn voor het voortbestaan van een bedrijf," zegt Armand Hoftijzer.
Hij is directeur bij Aon Global Risk Consulting in Amsterdam, dat zijn geld verdient als adviseur in risicobeheer. "Bedrijven moeten er in een rampenplan rekening mee houden dat in een grieppandemie dertig tot vijftig procent van de werknemers uitvalt."
Niet alleen doordat mensen ziek worden, maar ook omdat zij niet meer durven te reizen in druk openbaar vervoer. Verder kan gezond personeel besluiten zieke verwanten te verzorgen, in plaats van naar het werk te komen.
"Geen enkele onderneming kan zulke hoge uitval aan. Griep stopt niet voor jouw voordeur. Je kunt tevoren wel vaststellen wie je in een noodsituatie de verantwoordelijkheid geeft voor welke taken. Verder moet tevoren duidelijk zijn welke activiteiten je absoluut wilt voortzetten. Je zult delen van je bedrijf stop moeten zetten om personeel vrij te maken voor de hoofdtaken."
"Ik ken rampenplannen die er zelfs in voorzien dat de onderneming drie maanden in winterslaap gaat. Een krant kan besluiten tijdelijk alleen op internet uit te komen." Zijn oproep een rampenplan op te stellen is 'deels marketing', geeft Hoftijzer toe. Aon levert over de hele wereld bedrijven à raison van tienduizend euro advies over risicomanagement.
"Maar wij hebben sinds de sarscrisis en de vogelgriep grote kennis in huis over de gevolgen van pandemieën voor het bedrijfsleven. Wij worden deze week uitzonderlijk vaak gebeld om advies." Veel grote ondernemingen hebben een 'business continuity plan', dat in werking treedt als bijvoorbeeld een pakhuis afbrandt. "Maar slechts weinig rampenplannen voorzien in een pandemie," weet Hoftijzer.
Voor kleine bedrijven is een rampenplan niet altijd nodig. "Die zijn wendbaar en in staat snel creatieve oplossingen te bedenken." "Nederland is wel beter voorbereid dan de rest van Europa. Zo hebben veel vitale infrastructuren hier een noodplan. Denk aan drinkwater, telecom, energie, transport en betalingsverkeer."
De schade die een epidemie aanricht in bedrijven kan enorm zijn. De longziekte sars in 2002 en 2003 raakte de economieën in de hele wereld keihard. In de kern van het ziektegebied - China, Hongkong, Taiwan en Singapore - ging 10 miljard euro aan economische groei verloren, zo becijferde de Wereldbank vorig jaar.
De sarscrisis had meer psychologische oorzaken dan medische. Uiteindelijk werden slechts 8300 mensen besmet, vooral in Azië, van wie er 760 overleden. Het toerisme in China viel tijdens de sarscrisis in het voorjaar van 2003 vrijwel stil. De productie in China kromp vijf procent. De KLM liep in enkele maanden tijd 110 miljoen euro schade op, doordat zakenlieden en toeristen een vlucht richting Azië niet aandurfden. (MARC LAAN)