Amsterdam Bewaar

'Johanna's van Dam van de zorg' recenseerden al honderd zorgcentra

De 'Johanna's van Dam van de zorg' Hetti Willemse (l) en Tineke van den Klinkenberg in de centrale hal van het Dr. Sarphatihuis.
De 'Johanna's van Dam van de zorg' Hetti Willemse (l) en Tineke van den Klinkenberg in de centrale hal van het Dr. Sarphatihuis. © Jean-Pierre Jans

Het Amsterdamse duo Dames THe recenseert in het hele land woonzorgcentra. Deze maand bezoeken ze het honderdste. 'Wat is er mis met échte planten?'

Tips van Dames THe

- Zet klimrekken in de tuin van de zorginstelling. (Achter)kleinkinderen brengen levendigheid en hun ouders ontlasten het personeel.

- Maak de leefruimte van de bewoners groter. Dat kan met slimme liften en een goede buitenruimte.

- Als een medewerker naar de postkamer of de balie loopt, kan hij altijd een bewoner meenemen. Sommige woonzorgcentra hebben dat als regel.

- Kook voor en mét de bewoners.

- Verse bloemen, pepermuntjes en een aardige begroeting bij de entree zijn uitnodigender dan een bord 'flexwerkers hier melden'.

De dames hanteren, wat zij noemen een 'rolstoelindex'. Veel bewoners in rollend materieel wordt vertaald in een hoge score op de rolstoelindex en dus een lage score op woongenot. Dat zit zo, zegt Tineke van den Klinkenberg (67): mensen zo lang mogelijk zelf laten lopen is gezond, maar dat kost het personeel meer inspanning.

Er kleeft een risico aan (valgevaar) en mensen moeten beter ondersteund worden (tijd). Maar, nogmaals, zo lang mogelijk zelf lopen is gezond. Als bewoners, omdat het tijd scheelt, toch door de medewerkers in een rolstoel worden gezet, ja, dan zegt dat wel wat over de zorginstelling. Minpunten dus.

Vierenhalf theekopje
Het is zomaar een theorie van de Dames THe, Tineke van den Klinkenberg en Hetti Willemse (60) - twee Amsterdamse vrouwen die al vier jaar onbetaald het land door trekken om woonzorgcentra te bezoeken en te recenseren. De Johanna's van Dam van de zorg worden ze wel genoemd. Hun bevindingen staan op www.zorgvisite.nl. Afgelopen maand publiceerden ze het verslag van hun honderdste bezoek, dat was aan Humanitas in Deventer - een huis dat ze vierenhalf theekopje gunden (het maximale is vijf), en waar ze uit enthousiasme niet over uitgepraat raken.

Het is dus heus niet allemaal kommer en kwel in de verpleeg- en verzorgingshuizen, en de vrouwen hopen dat hun beoordelingen, tips en aanbevelingen bijdragen aan betere zorgcentra. 'Want onze generatie neemt heus geen genoegen met de huizen zoals we die nu in Amsterdam kennen,' zegt Van den Klinkenberg.

Echte planten
Neem het Dr. Sarphatihuis aan de Roetersstraat. 'Een blind paard kan er nog geen schade aanrichten,' formuleert ze tamelijk onomwonden. Willemse is subtieler: 'Je ziet een gebrek aan visie,' zegt ze terwijl ze de overdekte binnenplaats rondkijkt. De filosofie moet zijn:Geef de bewoners een thuis, het personeel is te gast. Huiselijkheid is dan een groot goed. En dat zit 'm in kleine dingen. In een mooi vaasje met bloemen, in een gevulde fruitmand bij de entree, een vriendelijke medewerker die je welkom heet - van die dingen.

Kijk, aan het atrium van het Dr. Sarphatihuis ligt het niet. De overdekte binnenplaats baadt in het licht, is enkele verdiepingen hoog en sfeervol dankzij de oude baksteentjes bovendien. 'Maar waarom hangen daar klimopplanten van plastic uit het raam? Wat is er mis met echte planten?' Dat ze duur zijn bijvoorbeeld. 'Je kunt toch een bloemenverkoper aanbieden dat hij hier in huis een verkooppunt krijgt, mits hij wel verse bloemen in het huis zet.'

Oranje slingers
De stoelen zijn van kunstleer en dus van het type incontinentie- en knoei-proof. Gedateerd bovendien, concludeert Willemse. Ze signaleert rommelige hoekjes, een koffie-automaat waar kartonnen bekertjes uitvallen (geen porselein, gemiste kans), een hoge rolstoelindex, een paar verweesde potplanten, maar ook een aantal positieve zaken, zoals een bibliotheek en een goedbedoelde poging het atrium met oranje slingers in Koningsdagsfeer te brengen.

Maar het is wel duidelijk, het Dr. Sarphatihuis lijdt aan risicobeknotting - een veel voorkomende kwaal bij zorgaanbieders, zo hebben de recensenten ontdekt. Het ontbreekt vaak aan vaasjes, want die kunnen stuk, mensen met dementie wonen op hoog gelegen verdiepingen zodat ze niet kunnen ontsnappen en er is zeker geen vijver in de tuin, want stel je voor dat er iemand in terecht komt. Angst als uitgangspunt - zonde.

De vrouwen kennen elkaar al uit de jaren tachtig toen Van den Klinkenberg nog wethouder Volksgezondheid in Amsterdam was en Willemse beleidsmedewerker bij de gemeente. Later was Willemse ook gemeenteraadslid (PvdA) en hoofd van de Stichting Samenwerkende Instellingen Gezondheidszorg Regio Amsterdam (Sigra).

Struiken met niks
Samen maakten ze diverse gidsen over 'waardige zorg' en hoe die er in de praktijk eruit ziet. Sinds een aantal jaren toeren ze door het land. Dat gaat als volgt: Willemse doet de voorselectie, programmeert de TomTom en rijdt. Van den Klinkenberg doet de smoes bij de balie. 'Ik zeg altijd dat we een huis zoeken voor mijn vergeetachtige tante of voor mijn nicht die slecht ter been is. Daarna vragen we of we even binnen mogen kijken.'

Ze knopen gesprekken aan, en eigenlijk proberen ze ook altijd mee te eten. In Brabant is dat eenvoudig, dan worden ze meestal uitgenodigd. In Amsterdam hebben ze dat nog niet meegemaakt.

Inmiddels zijn ze zo getraind dat ze eigenlijk aan de voorgevel al zien wat ze binnen kunnen verwachten. Naast de rolstoelindex hebben ze ook een neus voor wat zij noemen 'indifferente gemeentebosjes'. Daar wemelt het van rond de woonzorgcentra. 'Struiken met niks. Maak die ruimte onderdeel van een leuke tuin. Zet er bankjes neer, bloembakken of maak een wandelroute,' zegt Willemse.

Geen instituut
Van den Klinkenberg vult aan: 'Bezoek heeft vaak de gewoonte binnen te komen en direct op zijn gat te gaan zitten. Eigenlijk is het goed als medewerkers de familie aansporen met de bewoners naar buiten te gaan. Dan kan zo'n wandelroute goed van pas komen.' Bewoners hebben vaak alleen de eigen kamer, een gemeenschappelijke ruimte en de gang als actieradius.

Amsterdam steekt mager af bij de rest van het land, constateren de vrouwen. 'Misschien omdat het hier lastig is om aan hoog opgeleid personeel te komen.' Maar eigenlijk is dat geen excuus. Willemse: 'Ze krijgen allemaal hetzelfde geld, hè. Schaal doet er niet toe. Er zijn ook goede grote huizen. Het maakt ook niet uit of een huis in oud- of nieuwbouw zit. Het is de onderliggende visie die telt: het moet een thuis zijn, geen instituut.'