Désanne van Brederode - Door mijn schuld **
07-10-09 08:26 uur
recensie
De nieuwe roman van Désanne van Brederode, Door mijn schuld, is vooral heel erg uitgebreid. Dat lijkt, beschouwd ook in het licht van de rest van haar oeuvre, een bewuste auteurskeuze te zijn. Maar het kan ook een schrijftechnische kwestie zijn. Er is niet zozeer sprake van welgekozen details, nee, gewoon álles wordt gemeld.
Dat gaat bijvoorbeeld zo: 'Op vier uur hoefde ik mijn wekker niet te zetten. Toch vond ik zes uur ook nog aan de vroege kant. Ik had precies een halfuur om te douchen, te ontbijten, daarna reed ik naar het Centraal Station, zette mijn fiets in de bewaakte stalling - op het perron rookte ik mijn allereerste sigaret van die dag en keek ondertussen naar de druk rondscharrelende, loodgrijze, dikke duiven.' Nieuwe alinea: 'De stoptrein naar Weesp vertrok een paar minuten over zeven.' Nogmaals nieuwe alinea: 'Er zaten niet veel mensen in.' Enzovoort.
Deze overvloed aan precisie (had de verteller, een man overigens, trouwens echt precíés een halfuur om te douchen?) ligt tevens ten grondslag aan een andere technische onhandigheid: de verteller gaat zelden rechtstreeks op zijn doel af. Hij schrijft bij voorkeur dit: 'In een van de huizen rondom het plantsoen schoof iemand het gordijn achter een verlicht zolderraam open. Ik richtte mijn hoofd een beetje op en zag het silhouet van een man, een jongen van een jaar of twintig, een vierkant hoofd, brede schouders (...)' - en de zin gaat verder. Even daarvoor is er een punt van gemaakt dat de hoofdpersoon daar inmiddels alleen is, dus is het stilistisch fraaier als die 'ik zag'-constructie wordt weggewerkt.
Nu is er wel iets voor deze onhandige, lelijke manier van schrijven te zeggen. De vertellende ik-figuur, Gunnar de Wit, is geen schrijver, dat wordt hij pas in dit boek. Hij begint aan Door mijn schuld omdat hem iets op het hart ligt. Hij heeft een moord gepleegd door een steen naar zijn beste vriend te gooien. Hij belandt in de gevangenis en zit zijn straf uit, maar wat knaagt is dat nogal wat mensen menen dat hij desondanks onschuldig is en dat er sprake is van een gerechtelijke dwaling.
Aan niemand kan Gunnar zijn verhaal kwijt, zeker niet aan zijn vrouw, die door dik en dun in zijn onschuld gelooft. Vandaar dat hij zich aan het schrijven van deze uitgebreide bekentenis zet. 'Als iemand dit leest, ben ik er niet meer,' luidt de eerste, ook al niet zo gelukkig geformuleerde zin van Door mijn schuld.
Maar op een gegeven moment krijgt hij toch wel erg de smaak van dat schrijven te pakken; Door mijn schuld zal Gunnars debuut worden, besluit hij, en het is dan ook een roman over het schrijven zelf. Zelfs kleine schimpscheuten naar schrijvende tijdgenoten ontbreken niet - het boek begint op een gegeven moment zowaar trekjes te vertonen van een postmoderne schrijversroman als Chaos en rumoer van Joost Zwagerman. Eerder al brengt het Een nagelaten bekentenis van Marcellus Emants in herinnering en Advocaat van de hanen van A.F.Th. van der Heijden; door de uitgebreide schets van afkomst en verschillende milieus, door natuurlijk het bekenteniskarakter van het boek en door de misdaad die een equivalent kent in de echte wereld.
Het is niet niks, dit Door mijn schuld, maar het lijkt toch vooral op een onbewerkt uitgegeven dagboek. De verteller babbelt er lustig op los, permitteert zich oeverloze uitweidingen, doet de moord zelf zeer summier af, maakt talloze onschuldige satirische grapjes, leuk, leuk, en lijkt al met al eerlijk gezegd van begin tot eind wel een vrouw te zijn, deze Gunnar.
Eenzaamheid en het gevoel niet begrepen te zijn, ontpoppen zich uiteindelijk als de voornaamste thema's van deze roman, en dat klopt dus wel met dat vrouwelijke. (ARIE STORM)
Désanne van Brederode - Door mijn schuld **
Querido, € 22,95.