Bart Koubaa - De leraar
08-04-09 07:37 uur
recensie
De nieuwe roman van Bart Koubaa (1968), De leraar, laat de lezer verdwaasd achter, belooft de flaptekst. Welnu, daar zit ik dan. Voordat ik u deelgenoot maak van mijn ervaring met het lezen van dit boek, nog iets over de buitenkant ervan: op de voorkant van het omslag is van dichtbij een hoofd te zien van een oudere man. Inderdaad, ben ik inmiddels geneigd te denken, dit is de leraar die hier zijn verhaal vertelt. Hij heet A. Jacobs, alias De Kraai: 'Wellicht noemen ze me De Kraai omdat ik zwartglanzend haar heb. Ze hadden me beter De Mol kunnen noemen, maar op een dag werd ik De Kraai gedoopt en zo is het al die tijd dat ik lesgeef gebleven.' Dat klinkt nog wel olijk, leraren met treffende bijnamen, maar dit is wel het laatste gezellige dat deze roman te bieden heeft.
Bart Koubaa heeft een keer opgemerkt dat hij ervan uitgaat dat een mens zijn hersenen is. En dat elk boek een soort blauwdruk is van wat zich tijdens een bepaalde periode in de hersenen van een schrijver afspeelt. Deze roman, De leraar, is het verslag van wat zich in het brein van De Kraai afspeelt. En dat is niet veel fraais. Het zegt natuurlijk eveneens het één en ander over de schrijver Koubaa, die blijkbaar in een periode van zijn leven zat die hem ertoe aanzette een dergelijk morbide boek te schrijven.
Bij eerder werk van Koubaa werd zijn talent gesignaleerd, maar was er ook de constatering dat hij niet altijd even helder schreef, of dat in elk geval zijn bedoelingen misschien niet voortdurend duidelijk waren. De leraar is een strak verteld verhaal, aan het einde zijn er geen raadsels meer over wat er is gebeurd. Welke consequenties één en ander heeft, is echter een andere zaak.
De Kraai geeft les aan een beroepsschool in Vlaanderen, zijn leerlingen zijn hoofdzakelijk van allochtone afkomst. De Kraai is docent Nederlands, dat maakt de zaak er niet eenvoudiger op. Verder is hij, nog een complicerende factor, homoseksueel; dat is in elk geval sterk de suggestie. En hij wordt het slachtoffer van een vervelend en voor hem bepaald vernederend incident. Naar dat incident wordt enkele keren in het boek verwezen, pas aan het einde krijg je te lezen wat er met De Kraai precies is gebeurd.
Maar de sympathie is dan al gekanteld. Het is moeilijk aan te wijzen op welk moment dat kantelen precies plaatsvindt. De Kraai vertelt het verhaal, en dat is zíjn verhaal. Misschien ben je omdat je het allemaal van hem hoort eerder bereid zijn kant te kiezen. Maar dat laat je op een gegeven moment wel. Dan weet je: er is iets helemaal mis met De Kraai. Op een gegeven moment meen je te weten hoe de vork in de steel zit. En dan blijkt alles toch nog weer veel erger te zijn.
Er is de laatste tijd veel vraag naar schrijvers die straatrumoer in hun romans verwerken: actualiteiten, oorlogen, ellende, en dat je dan als schrijver opmerkt dat je daar tegen bent. Thomas Vaessens, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, houdt in zijn onlangs verschenen boek De revanche van de roman een pleidooi voor een dergelijke simplistische romanopvatting. Het lijkt erop dat Bart Koubaa aan die vraag voldoet als hij De Kraai het volgende laat opmerken: 'Als leraar Nederlands zou ik meer Nederlandstalige boeken moeten lezen, maar verder dan de krant kom ik niet. De krant is voor mij ook een beter werkinstrument dan een roman, het kopieert in elk geval gemakkelijker.'
En ja, er zit veel hedendaagse schoolellende in dit boek, die zo uit de krant over lijkt te zijn gelepeld. Toch is dit niet de reden dat De leraar zo'n overtuigende roman is. Meeslepend is dat Koubaa zich werkelijk in een ander heeft verplaatst. Hoe verrot die geest van die ander ook is. Dat is de kracht van literatuur. (ARIE STORM)
Bart Koubaa - De leraar
Querido; 18,95 euro