Het is de winter van 1963 als Bob Dylan, 22 jaar oud, in een klein studiootje in New York uitroept: ''Let just put this one down for kicks!'' En als je dat hoort, als negentiende track van de uitputtende dubbel-cd die als negende deel is uitgebracht in de schitterende alternatieve geschiedenis van zijn carrière The bootleg series', veer je op.

Vanwege het liedje, uiteraard. All over you is één van de vijftien songs in deze verzameling die - obscure covers van, in dit geval, The Raiders en Dave Van Ronk niet meegerekend - nooit eerder officieel werden uitbracht. En die op een rammelige gitaar voorthobbelende tekst vol Bijbelse verwijzingen, maffe terzijdes en quasiromantische knipogen is niet de minste van de uit de archieven opgegraven miniatuurschatten.

Maar de opname valt vooral op door die luchtige, energieke aankondiging. Even een nummertje voor de lol. De stem van iemand die oprecht plezier lijkt te hebben in zijn dag op kantoor.

Op kantoor, ja. Want bij alle terloopse magie die in deze 47 opnames verborgen ligt, is hun oorsprong ongeveer zo poëtisch als een middagje op een bedrijventerrein. Dylan legde ze, gestimuleerd door manager Albert Grossman, op band vast voor de muziekuitgevers Leed Music en later M. Witmark & Sons, die ze vervolgens met uitgeschreven bladmuziek voorlegden aan andere artiesten, om ze te coveren.

Simpele werkversies, begeleid door akoestische gitaar, piano en mondharmonica, waar zijn collega's houvast aan hadden en zijn auteursrecht mee werd veiliggesteld, meer waren het niet. Het geluid is vaak fantastisch, maar klinkt soms ook alsof het vanaf de bodem van een kartonnen doos komt. Dylan herneemt zich, mompelt dat hij zich de tekst van coupletten niet meer herinnert - ''die stuur ik later wel op'' - of breekt een uitvoering van het prachtige Let Me Die In My Footsteps na een paar coupletten plompverloren af. ''Het is wel erg lang, hoor,'' zegt hij verveeld tegen de geluidstechnicus. ''Of, nou, niet lang... But it's kind of a drag. Ik heb het al zo vaak gespeeld.''

Voor de man die zo'n beetje in zijn eentje de liedjesfabrieken van Tin Pan Alley verving, moet het bij vlagen akelig op lopendebandwerk hebben geleken. Waarbij ook mindere producten van de band rolden. Twee Woody Guthrieachtige protestliedjes, John Brown en Long ago, far away, zijn bijvoorbeeld wel érg nadrukkelijk en belerend, en dat het clichématige zwerversverhaal Long time gone nooit een studioalbum haalde, is ook geen muzikale misdaad tegen de mensheid.

Strikt genomen is dit waarschijnlijk één van de mindere delen van de Bootleg-series, al met al. Het heeft niet het historische gewicht van het Royal Albert Hallconcert uit '66 ('Judas!') of de pracht van de verloren vruchten van de Dylan-Daniel-Lanoissamenwerking Tell Tale Signs (2008).

Maar je hoort op The Witmark Demos ondertussen wel een jong genie dat zijn vak aan het leren is. Intieme en ontspannen versies van songs die klassiekers zouden worden, zoals die langzame, gospelachtige vertolking van Paths of glory, naast schetsjes waarop hij voortbouwde. En soms is er ineens een oogverblindende vonk van schoonheid en talent, zoals het melancholieke fles-op-de-gitaarhalsbluesje Ballad for a friend of dat hemelse geintje All over you.

Reden genoeg om ook vol. 9 gewoon weer in huis te willen hebben. (DIRK-JAN ARENSMAN)
(Columbia)

www.bobdylan.com