Doen dode Phoeniciërs Berlusconi de das om?
25-07-09 09:34 uur
Het linkse weekblad L'Espresso publiceerde gisteren op zijn website de volgende aflevering van de geluidsopnamen die D'Adddario in het geheim bij haar intieme ontmoeting met de premier maakte. Foto EPA
ROME - Van de beweerde buitenechtelijke escapades van hun regeringsleider worden de Italianen warm noch koud, maar in zijn loslippigheid tegenover het escortmeisje Patrizia D'Addario lijkt Silvio Berlusconi zich te hebben vergrepen aan 's lands meest gekoesterde bezit: de schatten uit de oudheid.
Het linkse weekblad L'Espresso publiceerde gisteren op zijn website de volgende aflevering van de geluidsopnamen die D'Adddario in het geheim bij haar intieme ontmoeting met de premier maakte. Daarin pocht hij over zijn villa op Sardinië. Achteloos beweert hij dat daar bij werkzaamheden 'dertig Phoenicische graven uit rond 300 voor Christus' zijn gevonden.
Volgens de Italiaanse wet moeten dit soort vondsten, ook op privégrond, onmiddellijk aan de autoriteiten worden gemeld. Maar de bevoegde instanties op Sardinië weten niets van de vondst van Phoenicische graven, die een archeologische sensatie zou zijn.
De oppositie heeft om een spoeddebat gevraagd, waar niet alleen Berlusconi, maar ook zijn minister van Cultuur dient te verschijnen. Op de seksueel expliciete onthullingen van D'Addario reageerde Berlusconi nog met: 'Iedereen weet dat ik geen heilige ben.' Met de jongste onthulling zal hij minder gemakkelijk wegkomen. (HET PAROOL)