Geweldsgolf werpt schaduw over vertrek Amerikanen
25-06-09 11:15 uur
WASHINGTON/BAGDAD - De Amerikaanse militairen gaan hoe dan ook weg uit Irak - ook nu er een terreurgolf woedt die het land lang niet heeft meegemaakt. Meer dan honderd doden vielen in drie dagen bij aanslagen van een enorme omvang, vooral in Bagdad, Mosoel en Kirkoek.
Iraakse en Amerikaanse militaire experts hebben moeite met een verklaring. Willen de opstandelingen, die al goeddeels waren afgeschreven, met bloedbaden 'vieren' wat ze mogelijk beschouwen als een overwinning: het vertrek van de meeste Amerikanen?
Sommige experts houden deze mogelijkheid open, anderen geloven niet dat terroristen op die manier redeneren. Wel valt het aanstaande vertrek van de Amerikanen samen met terreurdaden die doen denken aan de jaren dat Irak op de rand van een burgeroorlog balanceerde.
Vanaf dinsdag zullen alle Amerikaanse gevechtstroepen zich uit de Iraakse steden hebben teruggetrokken en de macht hebben overgedragen aan de Iraakse collega's. Nu zijn er nog 142.000 Amerikaanse militairen in Irak. Er blijven er 35.000 tot 50.000 over als adviseurs voor de Iraakse strijdkrachten tot eind 2011, wanneer de Amerikaanse militaire aanwezigheid wordt beëindigd. Als de Irakezen daarom verzoeken, zullen de adviseurs een gevechtsrol niet schuwen, zo is afgesproken.
De Amerikanen willen de indruk vermijden dat zij de Irakezen aan hun lot overlaten, maar vinden de tijd ook gekomen dat het land, ruim zes jaar na de interventie, zijn eigen veiligheid garandeert.
Nog meer aanslagen in de komende dagen, toegeschreven aan onder meer Al Qaida, kunnen Washington in een ongelukkige positie manoeuvreren. Het zou op de wereld een slechte indruk maken als beelden van bloedbaden onder Iraakse burgers samenvallen met die van opgeluchte Amerikaanse soldaten die huiswaarts keren.
Washington wijst erop dat het aantal aanslagen sterk is verminderd: van 160 per dag begin 2007 tot zo'n 15 nu. Daarbij horen echter terreurdaden die zelfs voor Iraakse begrippen enorm zijn. (HET PAROOL)