Dat hij de zestig heeft gehaald, mag een wonder heten, want schrijver, dichter en zanger Jim Carroll leidde, zacht uitgedrukt, een roekeloos leven. Al op zijn dertiende was Carroll, die vrijdag in New York overleed aan een hartaanval, verslaafd aan heroïne.

Hij zou de drug lang trouw blijven. Opvallend was dat hij als jongen evengoed op hoog niveau basketbal speelde. En of die combinatie van junk en sportman nog niet bijzonder genoeg was, was de jonge Jim Carroll ook nog eens een getalenteerd schrijver en dichter.

Het dagboek dat hij tussen zijn twaalfde en achttiende bijhield en dat in 1978 verscheen als The basketball diaries werd een echte cultklassieker. Plannen voor een verfilming waren er snel, maar pas in de jaren negentig kwam het er van. De rol van Jim Carroll in werd in de speelfilm gespeeld door Leonardo DiCaprio.

Jim Carroll groeide op in een Iers-katholiek milieu in de ruige New Yorkse Lower East Side. Na drie generaties van barkeepers was hij de eerste in de familie die een gedegen opleiding genoot. Trinity, een deftige privé-school in de Upper West Side, nam hem aan als leerling op grond van zijn kwaliteiten als basketballer.

Zijn verslaving aan heroïne bekostigde de heteroseksuele Carroll door zich te prostitueren aan mannen. Op zijn zestiende publiceerde het tijdschrift The Paris Review gedeelten uit The basketball diaries, waarna zijn reputatie als literair wonderkind was gevestigd.

Behalve als dichter (hij publiceerde zes bundels) was Carroll later ook actief als popmuzikant. Van de vijf albums die hij maakte was het debuut Catholic boy (1980) het beste. De teksten daarvan bezaten eenzelfde ruigheid als zijn poëzie. Patti Smith, Keith Richards en Pete Townshend verklaarden zich fan van zijn tegen de punk aanhangende muziek. (PETER VAN BRUMMELEN)

Jim Carroll 1949 - 2009