FC Twente: De prooi overleeft de jacht
03-05-10 10:34 uur
Spelers van FC Twente, met in het midden doelman Sander Boschker, vieren zondag feest na het behaalde kampioenschap. FC Twente werd zondag landskampioen van Nederland door de 2-0 overwinning bij NAC. Foto ANP
ENSCHEDE - Na twee vierde plaatsen en een tweede plaats is een landskampioenschap voor FC Twente helemaal niet onlogisch. Wel opvallend is de gedaanteverwisseling.
'Voorzitter, zorg dat deze ploeg bij elkaar blijft en wij spelen volgend seizoen mee om de titel', zei trainer Steve McClaren vorig jaar na het seizoen tegen Joop Munsterman. Het was een smeekbede die niet waargemaakt kon worden. Eljero Elia, Marko Arnautovic en ook international Edson Braafheid vertrokken. Toch werd Twente kampioen.
Dankzij topscorer Bryan Ruiz of juist vanwege het collectief? Of moet je Twente de kampioen van het minimalisme noemen? Dertien keer werd immers met één goal verschil gewonnen.
Twente is een kampioen die heel vaak geen kampioensvoetbal speelde. Maar het gaat te ver om de club de kampioen van de armoede te noemen in de verschraalde Nederlandse competitie. Waar Twente ook verscheen, de ploeg had altijd de intentie om het spel te maken.
In Enschede stellen ze terecht dat de stijlprijs in de jaren daarvoor al is behaald. En welke kampioen speelde de laatste jaren nou wel het leukste voetbal? AZ? Dat was een counterkampioen. PSV? Over degelijk gesproken.
Twente was altijd die mooie, aanvallende ploeg, die het publiek overal in Nederland wist te verleiden. Met voetbal volgens de Hollandse school, met buitenspelers en een nummer 10 achter de diepe spits. Met superieur positiespel en een roulerend middenveld.
De vleugelspitsen en de schaduwspits zijn er nog steeds, maar dat dominante heeft, al dan niet bewust, dit seizoen plaatsgemaakt voor controle. Minder spectaculair om te zien, maar de ploeg gaf geen krimp en etaleerde in vele duels een bijna on-Nederlandse evenwichtigheid.
Dat nieuwe karaktertrekje openbaarde zich al op de eerste speeldag uit bij Sparta, toen in Rotterdam op een gortdroge manier de eerste zege van het seizoen werd binnengehaald. Maar wie die avond goed keek, zag toen ook al een prachtige bloem ontluiken: Ruiz. Hij speelde niet goed, maar die goal, die magnifieke stiftbal, was een voorbode van een sensationeel seizoen.
Ruiz, je kunt er niet omheen in het succesverhaal van Twente. De vriendelijke, bijna verlegen jongeman uit Costa Rica, die niet goed genoeg werd bevonden door de scouts van Ajax en PSV, is onlosmakelijk aan de titel verbonden. Misschien parasiteerde de ploeg wel te veel op hem, omdat de spelers wisten dat zijn verlossende moment toch altijd kwam. Maar kun je dat zijn teamgenoten kwalijk nemen als hij maar wedstrijden voor de club blijft winnen? Wat de gevolgen daarvan zijn, zal pas blijken als Ruiz er niet meer is. En daar wil uiteraard niemand nu aan denken.
Wie nuchter op het seizoen terugkijkt, vraagt zich af wat het cruciale moment in de competitie is geweest. Was dat de uitwedstrijd bij Vitesse, toen Twente een week na de eerste nederlaag van het seizoen bij Ajax, in de slotfase tegen alle logica in ontsnapte aan een tweede verliesbeurt op rij? Of was dat de uitwedstrijd bij PSV toen de aanval op de koppositie werd afgeslagen en na afloop voor het eerst bij iedereen het besef ontstond dat Twente dit jaar kampioen kon worden.
Feit is dat Steve McClaren zijn ploeg daarna rustig wist te houden en daarvoor verdient de 'peoples manager' een groot compliment. Twente raakte nooit in paniek en vervolgde onverstoorbaar zijn weg. De prooi Twente overleefde de jacht en ook al scoorde Ajax een veelvoud aan treffers en speelde het misschien beter voetbal: wie het langst van alle clubs bovenaan heeft gestaan is de terechte kampioen. (LEON TEN VOORDE)