Massale valpartij ontsiert vierde etappe Vuelta
01-09-09 22:27 uur
Het wielerpeloton passeert dinsdag de Sint Hubertusmolen nabij Beek tijdens de vierde etappe van de Vuelta. Foto ANP
LUIK - Wie niet tegen bloed kan, had dinsdagmiddag niks te zoeken bij de finish van de vierde Vuelta-etappe in Luik. Een massale valpartij op 2,5 kilometer van de finish richtte zoveel schade aan dat de rondedokters handen tekort kwamen om de gewonden te verzorgen. Winnaar Andre Greipel was een van de weinigen die wel heelhuids over de finish kwam.
In een chaotische finale raakte de Duitser van Team Columbia voorop met ploegmaats Bert Grabsch en Marcel Sieberg en de Belg Wouter Weylandt (Quick-Step). De vier bleven over van een zevenkoppig groepje dat ontstond toen een groot deel van het peloton weggleed op een rotonde. Minstens dertig renners maakten kennis met het kletsnatte asfalt onder wie klassementsleider Fabian Cancellara. Omdat de valpartij plaatsvond in de laatste drie kilometer kreeg de Zwitser van Saxo Bank geen tijdverlies aangerekend. Kon Cancellara aan de finish nog lachen om zijn buiteling, dat gold niet voor vele anderen. Voor Chris Horner (wellicht gebroken pols) en Robert Kiserlovski (schouder) is de Vuelta misschien ten einde. Assan Bazayev en Aleksandr Vinokoerov (Astana), Björn Schröder en Martin Velits (Milram), Roger Hammond (Cervélo), Martijn Maaskant (Garmin), de al eerder gevallen Karsten Kroon (Saxo Bank) en klassementsrenner Ezequiel Mosquera (Xacobeo) waren er minder erg aan toe, maar hadden eveneens verzorging nodig. Bij de zwaar gehavende Vacansoleil-ploeg was Marco Marcato (staartbeen) er het ergst aan toe. Teammanager Daan Luijkx hield er dinsdagavond rekening mee dat de Italiaan morgen niet meer aan het vertrek komt in de vijfde etappe op Spaanse grond.
Het was voor Vacansoleil niet de enige tegenvaller. Matteo Carrara (lekke band) en Sergey Lagutin (inzinking) zagen hun klassementsdromen op weg naar Luik in een vroeg stadium uit elkaar spatten. Tussen al dat geweeklaag telde Rabobank zijn zegeningen. Alleen sprinter Oscar Freire had de vallende meute niet meer kunnen ontwijken, maar de schaafwonden op zijn bovenbenen baarden ploegleider Erik Breukink geen zorgen.
Kopman Robert Gesink zat ongeveer in dertigste positie toen de renners voor hem als dominosteentjes omvielen. ''Ik was een van de eerste renners die in de remmen kon knijpen. Ik had vandaag schrik op de fiets. Ik waande me in dit weer eerder een voorjaarsrenner'', was Gesink vooral opgelucht dat hij geen kostbare tijd had verloren. Ook Koos Moerenhout kon de ravage maar net ontwijken. ''Je kon er op wachten dat dit zou gebeuren. Hoe dichter bij de streep, hoe meer risico's er worden genomen. Toen ik die rotonde zag, dacht ik meteen: hier gaan ze allemaal vallen. Dat is koers, daar doe je niks aan. Dit had ook in Spanje kunnen gebeuren. Daar zijn de wegen nog gladder als het regent'', zei de Nederlandse kampioen, voordat hij met de rest van het peloton in het vliegtuig stapte voor de oversteek naar Tarragona.
Lars Boom zorgde er dinsdag voor dat Rabobank niet met lege handen naar Spanje vertrok. Voor de tweede opeenvolgende dag mengde de Brabander zich in een lange vlucht. Voor de etappezege kwamen Boom en zijn drie metgezellen niet in aanmerking, wel voor de bergprijs. Zowel tijdens de twee beklimmingen van de Cauberg in Valkenburg als Col de Theux kwam de sprintende Boom als eerste boven. Het leverde hem negen punten op en de rode leiderstrui in het bergklassement. (PATRICK DELAIT)