Basisplaats voor Wesley Sneijder bij Milan
30-08-09 07:19 uur
Wesley Sneijder van Inter Milan in duel met Ronaldinho (M) en Gennaro Gattuso (R) van AC Milan. Foto ANP
MILAAN - Zo ben je ploeggenoten bij Real Madrid, zo sta je tegenover elkaar in Milaan. Wesley Sneijder (Inter) had een basisplaats. Klaas-Jan Huntelaar (Milan) mocht invallen toen duidelijk was dat Inter het eenzijdige duel ging winnen (4-0).
Bedaard, op z'n Klaas-Jan Huntelaars, loopt de spits na de wedstrijd door de catacomben van San Siro, waar de verslaggevers van de Italiaanse televisie- en radiozenders elkaar verdringen om hem aan het woord te krijgen. Belangrijkste vraag: was hij teleurgesteld dat hij door trainer Leonardo niet was opgenomen in het basiselftal van AC Milan? Zuinig mondje: ''Neuh, ik zag het deze week op de training wel aankomen. De trainer wilde vasthouden aan de formatie die vorige week van Siena heeft gewonnen.''
Die eerste competitiewedstrijd miste Huntelaar vanwege een schorsing die hij meenam van zijn vorige club, Real Madrid. Het avontuur in Spanje duurde hem te kort (een half jaar), maar na de internationale stoelendans die deze zomer losbarstte, mag de voormalige Ajacied niet mopperen met een plaatsje bij Milan. Vraag dat maar aan Rafael van der Vaart.
Huntelaar doet rustig zijn verhaal, terwijl Samuel Eto'o naast hem het hoogste woord voert. De Kameroener slaat ploeggenoot Dejan Stankovic, maker van het prachtige vierde doelpunt, op zijn rug en noemt hem liefkozend 'papa'. Ook Eto'o is onlangs verkast, van Barcelona naar Inter. En Zlatan Ibrahimovic bewandelde de omgekeerde weg. Beiden hadden hun zinnen gezet op die transfer en in die zin hebben zij de regie over hun voetballeven in eigen hand gehouden.
Daarin slagen lang niet alle topspelers, die steeds vaker als schaakstukken door de clubbonzen van het ene veld naar het andere worden geschoven. De koffers met geld vliegen over tafel en de trainers moeten aan het eind van de transfertermijn maar afwachten met welke voetballers zij in elk geval tot eind december (als de volgende transferperiode begint) aan de slag kunnen.
Wie wil in de schoenen staan van coach Manuel Pellegrini bij Real Madrid? Wesley Sneijder en Arjen Robben hoefden van hem niet weg, maar de clubleiding (lees: voorzitter Florentino Perez) kocht voor bijna driehonderd miljoen aan nieuwe sterren en daarna begon de uitverkoop. ''Aan het vertrek van Sneijder en Robben ligt een economische reden ten grondslag, geen sportieve,'' klonk het vrijdag bijna verontschuldigend uit de mond van Pellegrini.
Op dat moment bereidden Sneijder en Robben zich, zo goed en zo kwaad als dat ging, voor op het eerste optreden met hun nieuwe club. Robben viel zaterdag in bij Bayern München en scoorde twee keer tegen Wolfsburg (3-0). Sneijder had bij Inter zaterdag zelfs een basisplaats tegen AC Milan. Woensdag werd de overgang beklonken, donderdag volgde een medische keuring in Milaan en vrijdag werkte hij met zijn nieuwe ploeggenoten een lichte training af.
''De puzzel is compleet, Sneijder was het laatste, ontbrekende stukje,'' zei Intercoach José Mourinho, die de oud-Ajacied per sms wekenlang probeerde te overtuigen van het feit dat hij in Milaan beter af zou zijn dan in Madrid. ''Het is jammer dat Wesley niet onze hele voorbereiding heeft kunnen meemaken. We wisten zelfs het grootste deel van deze week niet of hij wel voor Inter zou gaan voetballen.''
Voor Mourinho overigens geen enkel bezwaar de aanvallende middenvelder in de derby voor de leeuwen te gooien. En Sneijder, getooid met het rugnummer 10, zou Sneijder niet zijn, als hij niet ogenblikkelijk zijn stempel op het duel zou drukken. Hij had zich lang tegen een vertrek uit Spanje verzet, maar nu hij toch in San Siro was, moest hij maar doen waar hij goed in is. Na zes minuten gaf hij met een doffe knal van zijn rechtervoet Milandoelman Storari al bijna het nakijken.
Sneijder was in zijn eerste wedstrijd nog niet beslissend voor Inter, maar hij nam wel alle corners en vrije trappen en hij dartelde zelfverzekerd tussen de vijandelijke linies, waar hij Andrea Pirlo en Gennaro Gattuso, de schakelspelers van Milan, het nakijken gaf. Zoals hij dat ook deed op het EK vorig jaar, in de poulewedstrijd tegen Italië (3-0).
Misschien was het frustratie van Gattuso, dat hij Sneijder kort voor rust venijnig op zijn enkel schopte. Het kostte hem zijn tweede gele kaart. Inter leidde op dat moment al met 2-0 door treffers van Thiago Motta en Milito (penalty). En na de 3-0 van Maicon, in de extra tijd van de eerste helft, was de derby gespeeld.
Sneijder mocht een kwartier voor tijd uitblazen op de bank. Tien minuten eerder was Huntelaar in het veld gekomen voor Ronaldinho, die een uitgebluste indruk maakte. De fans van Milan grepen die gelegenheid niet aan om de Nederlander te begroeten, maar om de Braziliaan uit te fluiten. ''Het was een beetje ondankbaar om in te vallen,'' vond Huntelaar. ''Met tien man en 3-0 achter. Op een gegeven moment ging Inter de bal ook nog rondspelen. Ik vond dat niet vernederend, maar het is wel vrij kansloos om dan achter die bal aan te rennen.''
Twee schietkansen kreeg hij, één met rechts en één met links, maar die werden gestopt door doelman Julio Cesar. En hij gaf een listig hakballetje op een andere Nederlandse invaller, Clarence Seedorf. Huntelaar zal zich ongetwijfeld een ander debuut hebben voorgesteld. ''Nou, ik was eigenlijk niet zo bezig met dat debuut. Ik ben meer iemand die kijkt naar een lange reeks van wedstrijden en welke progressie je daarin maakt als team en als individu. Dit is één wedstrijd, en of je nu met 1-0 verliest of met 4-0: je houdt er geen punt aan over. Een dikke streep eronder wat mij betreft.'' (DICK SINTENIE)