Opinie Bewaar

Ze voelen zich vrij in hun jaloersmakende overbodigheid

James Worthy
James Worthy © Agata Nowicka

Hij kocht het busje van een oom die opeens naar de ­gevangenis moest. In het begin vond hij het nog best lastig om in een busje te rijden, want het hebben van een busje dwingt de eigenaar tot het vervoeren van spullen.

Een busje geeft ruimte en die ruimte moet je vullen. Maar hij wilde niets vullen en hij wilde niets vervoeren. Rijden, dat wilde hij. Eerst naar Frankrijk en daarna naar Kroatië.

In Frankrijk kocht hij bij een tankstation een cd van een Franse zangeres die hij niet kende en ook nooit heeft leren kennen. In het busje zit namelijk alleen maar een cassettespeler. Haar cd ligt dus al maanden in het bakje achter de handrem, naast een hard geworden krentenbol en een aansteker met een blote vrouw erop.

Tijdens het rijden steekt de man soms een vinger in de cassettespeler. Dan voelt hij dat er nog een bandje in zit. Het bandje zit muurvast. Hij vindt het eigenlijk wel mooi. Mensen doen tegenwoordig erg lacherig over de cassettespeler, maar niets op deze wereld hield zo veel van muziek als een cassettespeler. Zo'n speler kon een bandje opeten. Echt opeten.

Mensen zeggen weleens dat ze iemand op kunnen vreten, maar ze doen het nooit, een cassettespeler deed dit wel.

De eenzaamheid van de kapotte faxmachine raakte hem

Als het bandje dat de speler afspeelde ongeëvenaard mooie muziek bevatte, zette het de tanden in de schoonheid en liet het nooit meer los.

De cassettespeler wilde gewoonweg nooit meer andere muziek afspelen. Het was goed zo. De speler had de perfecte cassette ­gevonden. En als je echt gewonnen hebt, hoef je niet meer te spelen.

De man slaat de achterdeuren van zijn busje open. In het busje liggen achtenzeventig faxmachines. Een halfjaar geleden liep hij over een vlooienmarkt en toen zag hij een faxmachine staan. Een niet-werkende faxmachine. De machine stond naast een schreeuwerige kandelaar. Zo'n kandelaar die zich veel te goed voelt voor kaarsen.

"Doet die faxmachine het nog?" vroeg hij aan de verkoper met koffietanden.

De man pakte de stekker van de fax vast, wreef over de twee glimmende pinnen en zei nee. De eenzaamheid van de kapotte faxmachine raakte hem. Hij zag zichzelf terug in het apparaat. De inwisselbaarheid van het ­bestaan. Ooit stond deze fax op het bureau van een bankdirecteur. Ooit zag deze fax de bedragen, de geheimen en de leugens.

De man met het busje kocht de kapotte fax voor zestien euro.

Hij heeft er vandaag achtenzeventig. De faxen zijn niet meer alleen. Ze staan boven op elkaar in het busje. Stapels van zes. Sommige stekkers raken elkaar aan. Dat vindt de man prachtig om te zien. De apparaten houden elkaars handje vast. En niet omdat ze bang zijn, maar omdat ze gelukkig zijn in het busje.

Ze voelen zich vrij in het busje. Ze voelen zich vrij in al hun jaloersmakende overbodigheid. De man is trots op al zijn faxen. De faxen die de vrijheid vonden in het busje van de oom die opeens naar de gevangenis moest.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns terug. Reageren? james@parool.nl