Opinie Bewaar

Kijk hem nou zitten. De aansteller. De gore millennial

James Worthy
James Worthy © Agata Nowicka

Ik zit gewoon een kop thee te drinken in het tentje dat schuin tegenover mijn huis zit. Heet water en een theezakje, u kent het wel. Naast de kop ligt een hard Italiaans koekje.

Net als ik mijn eerste slok wil nemen, hoor ik de twee vrouwen achter mij fluisteren over mijn warme drank. "Kijk hem nou zitten. De aansteller. Met zijn thee. De gore millennial."

Ik had de term al vaker gehoord, maar om eerlijk te zijn had ik me er nooit in verdiept. Ik hoop altijd dat de termen waarin ik me niet verdiep overwaaien, maar dit soort neerbuigende termen blijven helaas roerloos in de lucht hangen als een wolk van beton.

Millennials zijn mensen die tussen 1980 en 2000 ­geboren zijn. Mijn geboortejaar is 1980, dus in feite hebben die vrouwen gelijk. Ik ben het prototype. De oer­millennial. Ik ben de harige mammoet waar het allemaal mee begon.

Maar het vervelende aan zo'n term als millennial is dat de definitie altijd verandert. De definitie is dat wat het hardste wordt geschreeuwd. Dus zijn millennials lui, aanstellerig, verwend, narcistisch en perfide. In feite is iedereen die tussen 1980 en 2000 ­geboren is Paris Hilton.

Onze generatie kan niet eens meer thee drinken zonder dat het theedrinken als een soort statement wordt gezien. Alles wat we doen is kennelijk theatrale borstklopperij. Zelfs het drinken van thee. Alsof de blaadjes in onze thee uitsluitend van de narcis afkomstig zijn.

Onze mentaliteit en onze identiteit worden in zijn ­geheel bepaald door ons geboortejaar. 1987? Je bent een walgelijke navelstaarder! 1993? Je bent een wegwerpmens! 

We zijn dat wat er op de kalender stond toen de navelstreng werd doorgeknipt.

Niets troost zo weergaloos als een kop thee.

Mijn thee smaakt heerlijk. Als ik mijn ogen sluit, zie ik mijn ouderlijk huis. Ik lig ziek op de bank. Ik ben een jaar of zeven. Mijn vader komt de huiskamer binnen­gelopen met een theekop.

Wat ziet hij er jong uit. En knap ook. Toen ik zeven was zag ik dat niet, wilde ik het misschien niet zien, maar mijn vader was een zeer ­attractieve man. Hij had met gemak de stuntdubbel van David Hasselhoff kunnen worden.

Ik pak de kop uit zijn handen en duw mijn zieke gezicht in de zoete stoom. Na elke slok voel ik de griep krimpen. Niets troost zo weergaloos als een kop thee.

De vrouwen beginnen nu over mijn baard. Ze denken dat ze fluisteren, maar vrouwen van hun leeftijd kunnen niet fluisteren. Ik negeer ze zoals ik vroeger de blauwe enveloppen in mijn trappenhuis negeerde.

"Ik las laatst dat baarden net zo vies als toiletten zijn," faalfluistert de ene vrouw tegen de andere vrouw. "Er zit vast ook allemaal grachtengordelroos in zijn baard," vervolgt ze.

Ik moet lachen om haar vondst en om het feit dat haat vrijwel altijd creatiever dan liefde is. Het centrum van vindingrijkheid zit verstopt in het hart van de verbitterde mens. 

Ik loop naar de bar toe, zeg tegen het meisje dat erachter staat dat ik haar palmboomvormige oorbellen mooi vind en betaal mijn thee en de rekening van de vrouwen.

Want zo zijn wij millennials. Alles wat we hebben, is ons komen aanwaaien. Wij zijn het appeltje in het oog van de storm. Wij zijn de goddelijke nietsnutten. De werkschuwe voorgetrokkenen. Vogelvrij en getroebleerd.

De bofkonten die op de blaren moeten zitten. Wij zijn alles en niets. Wij zijn de millennials. Ja, wij zijn de stuntdubbels van David Hasselhoff.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug. 

Reageren? james@parool.nl

Lees ook