Recensie
Jaap van Zweden
Jaap van Zweden © ANP

Jaap van Zweden en KCO maken indruk

Vreemd besef: al in 1998, dus bijna twintig jaar geleden, maakte Jaap van Zweden zijn debuut als dirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest. Hij was toen 37 decembers oud (hij is in die maand geboren) en hanteerde de baton pas twee seizoenen.

Toch stond hij tot gisteravond pas tien keer voor het orkest waarvan hij tussen 1979 en 1995 concertmeester was, wat goed beschouwd opmerkelijk weinig is.

In 2008 was hij er voor het laatst, met vier uitvoeringen van Sjostakovitsj' Vijfde symfonie als belangrijkste programmaonderdeel.

In de jaren daarna is nogal veel gebeurd. Hij maakte een duizelingwekkend snelle ontwikkeling door als dirigent, een proces dat een voorlopige bekroning vond in zijn benoeming tot chef-dirigent in New York, waar hij vanaf het seizoen 2018/19 de Philharmonic gaat leiden.

Er zat zelfs nóg een toporkest op hem te azen, vertelde hij in het interview dat ik hem maandag afnam. Welk wilde hij niet zeggen, maar dat kan bijna alleen de Boston Symphony zijn geweest.

KCO o.l.v. Jaap van Zweden

Programma Prokofjev, Sjostakovitsj
Solist Denis Kozhukhin (piano)
Gehoord 17/5, Concertgebouw
Herhaling Donderdagavond, aldaar
Uitzending 21/5 NPO Radio 4 (14.00 uur)

Muzikale telepathie
Ter zake. Gisteravond was Van Zweden opnieuw te gast bij het KCO, andermaal met Sjostakovitsj. De Achtste symfonie ditmaal, die werd voorafgegaan door het spectaculair virtuoze Derde pianoconcert van Prokofjev, waaraan alleen kamikazepianisten zich durven te wagen. 

De Rus Denis Kozhukhin leefde na afloop nog, wat zeker ook te danken was aan gezagvoerder Van Zweden. Hun samenwerking oogde totaal contactgestoord, maar wie luisterde, hoorde muzikale telepathie, zij het dat de knop van de onderlinge dynamische fijnafstemming kaduuk was.

Sjostakovitsj' Achtste, na de pauze, was verpletterend, met meesterlijk gespeelde soli van bijvoorbeeld Pastor Burgos (althobo), Cortvrint (piccolo), McCall (fluit), Tomasoni (trompet), de klarinettisten Patey en Wiedijk, de drie fagottisten en de basklarinet van Lattuada. 

Van Zweden zocht en vond uitersten van donker en licht en trof daarmee Sjostakovitsj' getormenteerde ziel. Zelden zo goed gehoord, dat stuk. 

Volgend jaar komt Van Zweden weer. Dan met Bruckners Achtste.